Vleeshal, titels, haringblad

St. Bavokerk, Haarlem (detail)

In de Vleeshal aan de Grote Markt in Haarlem is van 3 oktober 2026 tot en met september 2027 de tentoonstelling Outsider Art – 150 jaar outsiderkunst in Nederland te zien. Een deel van de geëxposeerde werken is afkomstig van Stichting Collectie De Stadshof. De werken uit die collectie waren sinds 2002, na de sluiting van museum De Stadshof in Zwolle, in langdurige bruikleen bij Museum Dr. Guislain in Gent. Museum van de Geest en Stichting Collectie De Stadshof zijn recentelijk tot een bruikleenovereenkomst gekomen, waardoor de collectie naar Nederland is teruggekeerd en nu in beheer is van dat museum.

Stichting Collectie De Stadshof bezit een flink aantal werken van Willem van Genk, en bepaald niet de minste. Hun website vermeldt dertien werken op board of papier en vier trolleybusassemblages. Daarnaast bezit de stichting in ieder geval nog de enig bekende losse afdruk van de ets Rondvaart (WVG-0087; zie hier). De tentoonstelling in Haarlem toont drie ‘Stadshof-werken’ van Willem van Genk: Het project Asbery Havana (WVG-067), Microcollage ’73 (WVG-0070) en Zelfportret zwakzinnigen-nazorg (WVG-0096). Ook de collage Centraal Station (WVG-0042) was voor de tentoonstelling voorzien, maar er bleek uiteindelijk geen plaats voor te zijn.

Outsider Art – 150 jaar outsiderkunst in Nederland is een mooie tentoonstelling, waarvan zeker het begin (over het einde van de negentiende eeuw en het begin van de twintigste) ook uitermate informatief is. De Vleeshal is een prachtige locatie die op verschillende manieren positief afsteekt bij de donkere en toch enigszins claustrofobische ruimte bij de Hermitage/H’ART in Amsterdam. De afzonderlijke werken verliezen helaas wat van hun uniciteit en bijzonderheid in deze wat overweldigende opstelling, maar de algemene indruk is zeker positief.1

Tentoonstelling 150 jaar outsiderkunst in de Vleeshal in Haarlem, met drie keer Willem van Genk: linksboven Het project Asbery Havana, daaronder Microcollage ’73 en rechts Zelfportret zwakzinnigen-nazorg

Zelfs de werken van Willem van Genk ontkomen er niet aan dat ze enigszins opgaan in het grotere geheel, al zorgt hun kleurrijkheid en kwaliteit (plus een eigen wand) er toch wel voor dat ze extra opvallen. Over de publicatie bij de tentoonstelling ben ik iets minder enthousiast. De meest opvallende fout in de teksten over Van Genk is dat deze ‘in 1964 […] zijn eerste solotentoonstelling bij de Academie’ zou hebben gekregen. Dit is helaas niet waar, die eerste solotentoonstelling vond plaats in Hilversum, bij Steendrukkerij De Jong & Co. Het Viruly-effect slaat weer toe.2

***

De publicatie bij de tentoonstelling in Haarlem maakt eens temeer duidelijk dat titels in het geval van Willem van Genk vaak problematisch zijn. Dat was al zo bij zijn eerste tentoonstelling in 1964 (met o.a. negen werken met de titel Mockba) en duurt voort tot op de dag van vandaag, met de trolleybus- en tramassemblages als hoogte- of zo men wil dieptepunt. In mijn biografie heb ik daar wat uitgebreider aandacht aan besteed,3 op deze plek zal ik mij beperken tot een paar opmerkingen die onder meer werken betreffen die in Haarlem worden getoond.

Addy Persoon-van Genk stuurde in 1971 aan Pieter Brattinga een lijstje met titels van tien werken die haar broer Willem op dat moment recentelijk had gemaakt en die hij eventueel wel wilde verkopen. Slechts enkele van de titels op dit lijstje komen min of meer overeen met de titels waaronder de werken later in boeken, tentoonstellingscatalogi of musea werden genoemd dan wel geregistreerd. Waar een nieuwere benaming eventueel beter zou kunnen zijn, zoals Great Railroads of the World in plaats van Railways, zijn het met name vergelijkbare titels die een verband verduidelijken tussen werken. Zo bleken World Airport, Arthur Hailey Airport 1 en Arthur Hailey Airport 2 op het lijstje te heten Airports I/Tokyo Haneda (Int.), Airports II/Japan Airlines en Airports III/Garuda Indonesia. De twee schilderijen met driedimensionale elementen World Aircraft en Cubaanse Luchthaven hadden van Van Genk de titels World Aircraft I/K.L.M. en World Aircraft II/Cubana Airways gekregen en hoorden dus bij elkaar. En waar een samenhang al duidelijk was, werd deze nog specifieker: Project Asbery I bleek volgens de kunstenaar Het Project Asbery Moskou te heten en Project Asbery II was Het Project Asbery Havanna.

‘Hierbij treft U een lijstje aan, hetwelk Willem mijn broer tijd mij geruime tijd geleden heeft gegeven.’

Een belangrijke factor bij het ontstaan van de nieuwe titels was de catalogus van Galerie De Ark uit 1976 bij de grote tentoonstelling willem van genk. Samensteller Dick Heesen had een aantal werken van nieuwe titels voorzien, waarvan er vele beklijfden. Soms had hij fouten gemaakt of was zijn drang naar bondigheid te groot geweest, zoals in het geval van Rome (eerder St. Pieter in Rome, later Reiseland Italien), Oost Europa (= Kathedraal Pilsen), Architectuur (= Urbanisme et Architecture) of Steden (= Minsk-Mosca). Hij was het ook die de etsen uit 1967 hun min of meer definitieve titels gaf, waarbij Minsk – eigenlijk: Hotel Minsk – een min of meer foutieve naam was die bleef bestaan. Zes werken hadden in de catalogus de titel Amsterdam, eveneens zesmaal kwam Moskou voor. De grote naïeven heette bij Heesen Willem van Genk in het Stedelijk.

In 1998 verscheen de monografie Willem van Genk. Een getekende wereld, met daarin een oeuvrelijst die in de decennia die volgden als maatgevend ging gelden. Nieuwe titels die Heesen in 1976 had bedacht, werden soms overgenomen (Tube Station, Cubaanse Luchthaven, Vervoer USSR) dan wel aangepast (Centraal Station werd Centraal Station Amsterdam, Den Haag werd Bouwend ’s Gravenhage). Werken waarvan men wist of dacht dat ze bestonden, kregen de aanduiding ‘Zonder titel’, vaak met een specificatie tussen haakjes. Soms was er ook sprake van een dubbele titel, waarbij de twee onderdelen werden gescheiden door een schuine streep, zoals New York Strip/Mr. Petrov, Alt Heidelberg/Bergstrasse en Academy Information/Art Expo (= Collage 2000 Beljon Inc.). Microcollage ’73/Studiereis van Beatrix en Claus heette bij Heesen Microcollage ’72 – ’73.

Microcollage ’73 (detail)

***

Het meest recente nummer van het ‘onvoorspelbaar verschijnend tijdschrift’ Rode haring (nummer 18, oktober 2026) bevat een uitgebreid, rijk geïllustreerd artikel over Willem van Genk. Zijn leven en werk worden doorgenomen aan de hand van de tekening Panorama Moskou. Voor belangstellenden: op de website is te lezen hoe losse nummers kunnen worden besteld.


NOTEN

  1. Voor de tentoonstelling in tekst en beeld, met speciale aandacht voor Van Genk, zie hier. ↩︎
  2. In de publicatie staat bij de drie werken dat de ondergrond karton is. Dit lijkt me een vertaalfout, het gaat om boardplaatjes die de kunstenaar aan elkaar spijkerde. In alle drie de werken zijn de spijkertjes goed te zien. ↩︎
  3. Van der Weide, De eenheid van het spinnenweb, ‘Bijlage: Titels en datering’. ↩︎

Bouwwerk, Marktplaats, afgedrukt

Willem van Genk in zijn rolstoel voor Huize Walcott, ca. 1999

Vijf jaar geleden schreef ik over een jeugdtekening van Willem van Genk (WVG-2001) uit de tweede helft van de jaren dertig, die was opgedoken tussen de nagelaten spullen van een van zijn zussen (hier). Recentelijk kreeg ik de gelegenheid om dit object nader te bestuderen en zag ik dat ook op de achterkant een tekening stond. Deze is duidelijk van minder kwaliteit dan die op de voorkant van het schriftblaadje dat als tekenpapier blijkt te hebben gediend. Daarbij is nauwelijks duidelijk dat het om een tekening van Willem van Genk gaat: er zijn weinig typische beeldelementen en ook het onderwerp van de tekening als geheel is redelijk uitzonderlijk binnen het oeuvre van de maker.

De tekening is weliswaar niet gesigneerd of gedateerd, maar heeft (rechtsonder) wel een titel meegekregen: ’t Bouwwerk. Afgebeeld is een bouwplaats, met enkele bouwvakkers die bezig zijn met niet altijd even duidelijke bezigheden. De bouwvakker op de voorgrond is een timmerman: hij staat te zagen, terwijl naast hem een geopende kist staat met het opschrift SPIJKERS. Bij de kist liggen enkele stukken gereedschap, daar weer naast staat een soort kuip. Voor hem, op de voorgrond van de tekening, loopt een treinspoor, een van de weinige voor Van Genk typische beeldelementen.

Jeugdtekening Willem van Genk (particuliere collectie)

Verder naar boven (perspectivistisch: naar achteren) op de tekening staat een gebouw, met twee bouwvakkers die onduidelijke handelingen verrichten. Een van hen (met een pijp in zijn mond) lijkt op een karretje te zitten dat in verbinding staat met een soort schoepenrad – niet duidelijk is of dit deel uitmaakt van het gebouw of dat het gebruikt wordt voor de bouwwerkzaamheden. Zijn collega verricht handelingen die mogelijk te maken hebben met die van de man met de pijp. Een vierde bouwvakker duwt links boven op de tekening op een steiger een kruiwagen voor zich uit. Naast de steiger staat een bord met het opschrift BOUWWERK te KOOP.

Wanneer Van Genk in later werk onvoltooide gebouwen afbeeldt, heeft dit meestal met sloopwerkzaamheden te maken. Het lijkt wat ver te gaan om in de jeugdtekening met de bouwvakkers een voorafschaduwing hiervan te zien. Eigenlijk is alleen het treinspoor op de voorgrond karakteristiek te noemen, en dan nog alleen als de maker van de tekening bekend is. Er zijn geen reclames, geen vervoersmiddelen, niets wat duidt op autobiografische elementen. Zelfs de teksten zijn minimaal.

***

Recentelijk werd op Marktplaats een tekening van een valk aangeboden, ‘vermoedelijk van Willem van Genk’. Dat vermoeden was gebaseerd op de signatuur W.v.G., volgens de aanbieder kennelijk een bewijs omdat de kunstenaar ‘vaak zo signeerde’. Eén blik op de tekening was echter voldoende om met zekerheid te zeggen dat de tekening niet van Van Genk was:

schermafbeelding Marktplaats, 17 september 2026

Uiteraard nam ik onmiddellijk contact op met de verkoper en vroeg ik hem waar hij de bewering dat Van Genk ‘vaak zo signeerde’ op baseerde. Het antwoord: ‘Dat zegt AI ik vermoede t al maar hoopte op dat iemand wist wie t wel is?’ Eerder had ik al vastgesteld dat AI niet echt overliep van de kennis over Willem van Genk – die meestal signeerde als WFAM van Genk en/of een zeer specifiek monogram gebruikte. Wel positief was dat AI in ieder geval de naam ‘Willem van Genk’ ophoestte bij een vraag naar de initialen ‘W.v.G.’.

In het verlengde hiervan: het zou interessant zijn als in het kader van bijvoorbeeld Tussen kunst en kitsch een werk van Willem van Genk opdook, of een werk dat mogelijk van hem was. Ironisch genoeg zou dit eerder bij een vergelijkbaar programma in Duitsland het geval kunnen zijn (Kunst und Krempel, Lieb & teuer, Kitsch oder Kunst, Bares für Rares), aangezien er zes tekeningen zijn die in de jaren zestig werden verkocht door galerie Schmela uit Düsseldorf en die onvindbaar zijn (zie hier). Of een onbekend werk net zo eenvoudig toe dan wel af te schrijven zou zijn als de genoemde tekening op Marktplaats, is natuurlijk de vraag. Inmiddels is veel bekend over werkwijze, thematiek, techniek en materiaalgebruik van Van Genk, maar verrassingen zijn uiteraard niet uitgesloten.

***

Dat ook op het gebied van techniek en materiaalgebruik nog verrassingen mogelijk zijn, bewees een drietal afdrukken die ik een aantal weken geleden bij een familielid van Willem van Genk te zien kreeg. Aan de afdrukken lag duidelijk de tekening Moskou ten grondslag, nummer 27 van de tentoonstelling in Hilversum in 1964 en de illustratie bij het artikel ‘Reiziger in verbeelding’ van R.E. Penning uit 1958:

3x Moskou (onbekende techniek), ca. 21 x 21 cm

Moskou | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | 115 x 140,5 cm | Museums of Sheffield | foto: Clemens Boon, Amsterdam

Op het gebied van grafiek zijn van Van Genk alleen vijf etsen en zes kleine, ongesigneerde lithografieën bekend. In de loop van de jaren tachtig, toen de verkoop van zijn werk bij galerie Hamer enigszins op gang begon te komen, kreeg Van Genk steeds meer moeite om afstand te doen van zijn werk en bedacht hij dat grafiek wel eens uitkomst zou kunnen bieden: ‘Willem begint zich bij de verkopen steeds ongemakkelijker te voelen en houdt mij voor dat ik alleen nog maar etsen moet verkopen. Hij wil zijn jeugddromen en reisherinneringen liever om zich heen houden.’1 Helaas was en is er, zoals ik eerder schreef, weinig belangstelling voor grafiek van outsiderkunstenaars, vanwege het taboe op professionaliteit. Ook vroeg hij Van der Endt op enig moment om posters van zijn werk te maken, maar deze moest hem opnieuw teleurstellen.2

Dit was vermoedelijk de context waarbinnen de drie afdrukken van Moskou moeten worden gezien: het zijn (niet erg geslaagde) pogingen om grafiek op basis van een oudere tekening te maken, waarschijnlijk met behulp van een foto. De gebruikte techniek is onduidelijk. De mening van een docent druktechniek aan een kunstacademie: ‘Wat mij betreft is het inderdaad een duidelijk experiment. Vooral het verloop van de kleur op sommige plekken en de vervaging op de gevel van het station lijkt mij niet echt zo bedoeld. Het kan in de verte een zeefdruk zijn, maar ik denk eerder aan een fotografische litho of offsetplaat door de scherpe begrenzingen van het beeld.’ En iets later: ‘Ik denk dat de ‘experimenten’ geen experimenten zijn, maar druksels zijn van verschillende drukvormen. De drukvormen hebben allemaal dezelfde tekening als uitgangspunt en zijn door een soort kleurscheiding ontstaan.’ Zelf dacht ik aan gestencilde afdrukken.

Nog afgezien van de vraag naar de gebruikte techniek is ook onduidelijk wat het aandeel van Van Genk zelf was. De afdrukken zijn (uiteraard) niet gesigneerd, noch blijkt zijn betrokkenheid op enige andere wijze. Vermoedelijk was Van Genk weliswaar de initiatiefnemer van het experiment, maar had hij de uitvoering grotendeels aan anderen overgelaten. Veelzeggend is denk ik wel dat juist de illustratie bij het artikel van Penning uit 1958, zijn publieke debuut als kunstenaar, is uitgekozen voor het experiment. In de brief van 30 november 1958 aan zijn stiefbroer Henk van der Wal maakt Van Genk in een apart kadertje melding van ‘het artikel in de Haagsche Courant van de heer Penning getiteld “Reiziger in verbeelding”; hij sluit het artikel bovendien bij. De naam ‘Penning’ keert ook terug op later werk en zal hem een leven lang bijblijven


NOTEN

  1. Nico van der Endt, Kroniek van een samenwerking, p. 51. ↩︎
  2. E-mail van Nico van der Endt aan Jack van der Weide, 28 maart 2020. ↩︎

Ingekleurd (2)

Dit is het tweede deel van een tekst over het inkleuren van verdwenen werken van Willem van Genk. Het eerste deel is hier te vinden.

Ca. 1915, de ouders van Willem van Genk in kleur volgens AI

Een derde door Schmela verkocht werk was Antwerpen, catalogusnummer 13 uit Hilversum. Afgebeeld is het Koningin Astridplein naast het Central Station, dat tot 1935 het Place de la Gare/Statieplein heette:

Antwerpen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 70 x 100 cm

Ook hiervan wist AI een heel behoorlijke kleurenversie van te maken:

Antwerpen in kleur, volgens AI

De kleurstelling is hier opnieuw vrij overtuigend en zelfs de lucht is niet atypisch. De bussen en trams aan de rechterkant doen denken aan de bussen op WVG-1015.

Er waren in Hilversum negen werken met de titel ‘Mockba’, i.e. Москва = Moskou. Twee ervan bleken afbeeldingen van Leningrad, drie grote tekeningen waren aan de hand van de afmetingen te identificeren, twee werken waren afbeeldingen van een Russische tank. De twee overgebleven tekeningen toonden de binnenkant van stations. Een ervan werd door Nico van der Endt gefotografeerd (zie hier), de andere (waarschijnlijk catalogusnummer 24 in Hilversum) werd afgedrukt in de uitnodiging van Schmela:

Moskou (treinstation) | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 58 x 80 cm

Weer wist AI deze zwart-wit afbeelding redelijk geloofwaardig in te kleuren:

Moskou (treinstation) in kleur, volgens AI

Het ontbreken van lucht maakt het voor AI makkelijker om te overtuigen. Het is duidelijk dat het om een kopstation gaat – mogelijk het door Van Genk veelvuldig afgebeelde Kievstation – waarbij ook de vier (symmetrisch geplaatste) stoomlocomotieven opvallen. De webstructuur van het stationsdak, die al opviel in de zwart-wit foto, komt in kleur nog nadrukkelijker naar voren.

Ten slotte verwisselde via Schmela ook catalogusnummer 26 uit Hilversum van eigenaar, Wenen. Zoals ik eerder schreef: ‘Waar vrijwel alle werken die in Hilversum waren getoond uit één grote afbeelding bestonden, had Van Genk op [Wenen] links en rechts van de centrale voorstelling een aantal kleinere tekeningen toegevoegd. Die centrale voorstelling betreft een gezicht op Wenen, gezien vanaf de Stephansdom. De nadruk ligt evenwel niet op de stad maar op het dak en een van de torens van de kathedraal en op de muuropening waar je op de voorgrond doorheen kijkt. Als om die marginale rol van Wenen zelf te compenseren, zijn links en rechts de kleinere tekeningen toegevoegd, met allerlei gebouwen en locaties die samen een beeld van de stad geven – als in een brochure van een reisbureau.’1 Van Wenen bestaat een foto, net als die van Antwerpen in bezit van de Collection de l’Art Brut in Lausanne:

Wenen | ca. 1960 | gemengde techniek op papier | ca. 72 x 152 cm

Het resultaat:

Wenen in kleur, volgens AI

Ook hier een geloofwaardige kleurenversie, die enigszins doet denken aan sommige latere collages (Kathedraal Pilsen, Minsk-Mosca, Vervoer USSR). De lucht is beter ingevuld dan op andere kleurenversies. De zonsopkomst of -ondergang is een toevoeging die weliswaar niet stoort maar die hoogstwaarschijnlijk niet door Van Genk is geschilderd.

***

Meer verdwenen werken van Willem van Genk zijn er volgens mij niet. In de aanloop naar de tentoonstelling Woest in 2019 dook Berlin Bahnhof Friedrichstrasse (WVG-0082) op, tot op dat moment alleen bekend van een afbeelding in een boek van Joop Beljon. Eerder schreef ik over Piazza Venezia, dat het monument voor Victor Emanuel II aan het Piazza Venezia in Rome toont. Ik beschouwde dit werk als verdwenen, tot ik enkele maanden geleden een inventarislijst van Museum Dr. Guislain kreeg toegestuurd waar het op voorkwam als ‘Tokyo’. Daarnaast zijn er natuurlijk ettelijke werken waarvan weliswaar een kleurenfoto bestaat maar waarvan de verblijfplaats niet meer te achterhalen is. Maar dat is weer een ander verhaal.


NOOT

  1. Van der Weide, De eenheid van het spinnenweb, p. 129. ↩︎

Ingekleurd

Ca. 1929, Willem van Genk en zusters in kleur volgens AI. V.l.n.r. Willem, Willy, Isabella, Agnes, Riet,
Jacqueline, Addy, Nora, Leny en Tiny

Het is een inmiddels wijdverbreide techniek: oude zwart-wit foto’s inkleuren met behulp van AI. Hierboven is dit gedaan met een bekende foto van Willem van Genk, genomen rond 1930. Interessanter is om de techniek toe te passen op een aantal werken van Van Genk waarvan de verblijfplaats onbekend is en waarvan alleen zwart-wit afbeeldingen bestaan. Het gaat hierbij om zes werken die te zien waren tijdens de tentoonstelling Van Genk’s fantastische werkelijkheid die begin 1964 werd gehouden bij Steendrukkerij De Jong & Co. in Hilversum.

Het eerste werk is Amsterdam, catalogusnummer 2 uit Hilversum. De beste afbeelding hiervan komt uit de catalogus van galerie De Ark uit 1976:

Amsterdam (Dam) | ca. 1958 | gemengde techniek op papier | ca. 30 x 40 cm

Het betreft een tekening van de laatste rit van de Blauwe Tram op 31 augustus 1957, op het traject Amsterdam – Zandvoort. Op die rit had Van Genk vier werken gebaseerd, die alle vier te zien waren op de tentoonstelling in Hilversum, onder de titels Amsterdam (3x) en Den Haag (1x). In de catalogus van galerie De Ark uit 1976 staan de werken afgebeeld op twee achtereenvolgende pagina’s, steeds met de titel Amsterdam. In de catalogus van De Stadshof uit 1998 kregen ze de titels Amsterdam laatste blauwe tram, Amsterdam laatste blauwe tram NZTM (2x) en Raadhuisstraat.1 Gekeken wordt vanuit de Damstraat in de richting van de Dam. Het Paleis op de Dam is duidelijk herkenbaar.

Ingekleurd door AI levert dit het volgende resultaat op:

Amsterdam (Dam) in kleur, volgens AI

Kijken we naar de drie andere ‘Amsterdammertje’, dan blijkt dit werk de meeste overeenkomst te vertonen met Amsterdam (Raadhuisstraat), dat in bezit is van een particuliere verzamelaar in Maastricht (zie hier). De twee andere werken, beide in bruintinten, vormen eveneens een paar.

Waar Amsterdam (Dam) na 1976 bleef, is onbekend. Van vijf andere werken uit Hilversum weten we in ieder geval dat ze verkocht werden door de Duitse galeriehouder Alfred Schmela, tijdens of kort na de expositie Van Genk’s phantastische Wirklichkeit in het najaar van 1964 in Düsseldorf. Schmela verkocht in totaal negen tekeningen, waarbij er van vijf alleen zwart-wit afbeeldingen bestaan.2 De eerste van die vijf, Tokio (catalogusnummer 6 uit Hilversum, daar gespeld als ‘Tokyo’), levert voor AI meteen de meeste problemen op. Voor een belangrijk deel komt dit door het feit dat de inkleuring zich moet baseren op een niet heel erg scherpe krantenfoto:3

Tokio | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 44 x 77 cm

Het minst onbevredigende resultaat:

Tokio in kleur, volgens AI

De kleurstelling is duidelijk niet die van andere werken van Van Genk, de helderblauwe lucht is volkomen atypisch. Wel geeft de nieuwe afbeelding een beter idee van hoe het werk eruit heeft gezien, met name voor wat betreft de beeldelementen.

Eveneens door Schmela verkocht werd Keulen, waarvan een niet heel erg goede afbeelding stond in de catalogus bij de Hilversumse tentoonstelling:

Keulen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 72 x 80 cm

Tot mijn verbazing wist AI hier een heel behoorlijke kleurenversie van te maken:

Keulen in kleur, volgens AI

De lucht is ook hier duidelijk niet ingekleurd zoals Van Genk dit zou hebben gedaan, de verdere kleurstelling is redelijk overtuigend.

(wordt vervolgd)


NOTEN

  1. Zie hier, ook voor afbeeldingen van de vier werken, ↩︎
  2. Nummer zes, Metrostation Opéra, werd verkocht aan het Stedelijk Museum in Amsterdam. De drie overige werken werden in 2000 opgespoord door Nico van der Endt (zie hier). ↩︎
  3. De tekening was de illustratie bij: Bibeb, ‘Wim van Genk: Ik ben een stuk grijs pakpapier’ (Vrij Nederland, 4 april 1964). De foto werd gemaakt door Eddy de Jongh en bevindt zich in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam (inventarisnummer EDJ-2775-4). ↩︎

Aanzet tot een catalogue raisonné (24)

Dit is het vierentwintigste deel van een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk.

Vitrine van Museum Dr. Guislain bij de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (foto Frans Smolders)


WVG-2020

Elandkerk | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 30 x 40 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Tekening van stadslandschap Den Haag met uitgesneden cirkel in midden. Titel op achterzijde.’

Tekening van de Elandkerk in De Haag, met een uitgeknipte tondo. De tondo is verwerkt in de collage Bouwend ’s Gravenhage (WVG-0052), links onder.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

WVG-2020

De uitgeknipte tondo uit Bouwend ’s Gravenhage bevindt zich eveneens in de collectie van Museum Dr. Guislain en was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Links: uitgeknipte tondo, rechts: Bouwend ’s Gravenhage (detail)


WVG-2021

Musis Sacrum | ca. 1950 | gemengde techniek op papier | ca. 45 x 60 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Tekening van concertgebouw Musis Sacrum in Arnhem. De tekening vertoont overeenkomsten met WVG-0119, onder andere in de manier waarop het groen van de bomen is weergegeven.

WVG-2021


WVG-2022

Knipsel met vogels en vliegtuigen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 20 x 25 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 109 (onder).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Knipsel met inkttekeningen en kleurpotlood. Geplooid en scheurtjes’.

De afbeelding in Willem van Genk bouwt zijn universum is ondersteboven afgedrukt, te zien aan met name de vogels. Gecombineerd met een ander knipsel uit de collectie van Museum Dr. Guislain blijkt het te gaan om een uitgeknipte helikopter, gebruikt in de collage Märklin (WVG-0059).

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Links: gecombineerde knipsels, rechts: Märklin (detail)


WVG-2023

Knipsel met bomen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 20 x 30 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: hier (ook: meer informatie).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Pentekening met vegetatie, ingekleurd met kleurpotloden. Cirkel uitgeknipt aan de linkerzijde en balpentekeningen’.

De uitgeknipte tondo is verwerkt in de collage Urbanisme et Architecture (WVG-0054).

De tekening was te zien tijdens de tentoonstellingen Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015) en Aussi Loin qu’ici (2025-2026).


WVG-2024

Vis | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 30 x 40 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 28 (boven).

Tekening van een vis die onder water zwemt, in vooral groene, rode en blauwe balpen op bruin papier waaruit rechts boven een vorm is geknipt. Links boven een tekst: ist es eingeboren / hl hinauf und vorwärts singt, / blaue Raum verloren / Lied die Lerche singt. / […]en, über Seen / ach der Heimat strebt” met daaronder (siehe prosa aus die kunst Japans II) / seite 122 Johannes Reinw[…] / Berlin Wolffverlag / 1935.

Het eerste deel van de tekst betreft een verminkt citaat uit Faust van Goethe:

Doch ist es jedem eingeboren
Daß sein Gefühl hinauf und vorwärts dringt,
Wenn über uns, im blauen Raum verloren,
Ihr schmetternd Lied die Lerche singt;
Wenn über schroffen Fichtenhöhen
Der Adler ausgebreitet schwebt,
Und über Flächen, über Seen
Der Kranich nach der Heimat strebt.

Het tweede deel van de tekst lijkt een literatuurverwijzing, die niet klopt. Die Kunst Japans was een boek van Tsuneyoshi Tsuzumi uit 1929. Johannes Reinwald publiceerde in 1935 het boek Italien bij Kurt Wolff Verlag in Berlijn.


WVG-2025

Hongkong | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 40 x 30 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 28 (onder links).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Krabbeltekening over Hong Kong met verschillende kleuren van balpen.’

Schetsmatige tekeningen en teksten in voornamelijk groene, rode en blauwe balpen op bruin papier. De tekeningen en teksten hebben voor een deel betrekking op Japan. Onder meer te lezen zijn de woorden SHIRLEY TEMPLE en HONGKONG, en de woordenreeks “New “Nouveau “Nieuw “Neue’s.


WVG-2026

Bus (uitgeknipt) | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 20 x 30 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 108 (boven).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Knipsel met potlood, inkt, aquarel op papier van spoorwegen met uitgeknipte trein. Geplooid. Opschrift op de achterzijde ‘N.Y.W.S.M. citrosa (‘S) Loosduiken (Den Haag).’

Tekening van een landschap met trein- of tramrails waaruit een bus is geknipt. Het uitgeknipte deel is verwerkt in de collage Bouwend ’s Gravenhage (onder, links van het midden), samen vormt het een tekening van een bus naast een tram- of spoorlijn.

Het opschrift op de achterkant, “N.V. W.S.M.” citosa (S) / Loosduinen (Den Haag), geeft meer informatie. De N.V. Westlandsche Stoomtramweg Maatschappij (W.S.M.) was een een Nederlandse tramwegmaatschappij die personen en goederen door het Westland vervoerde. ‘Citosa’ was een autobusonderneming uit Waddinxveen. (Een bus van Citosa werd van 1961 tot 1965 onder de vlag van Cebuto ingezet voor toeristenvervoer; cf. hier voor een raakvlak tussen Willem van Genk en Cebuto.) Loosduinen is een stadsdeel van Den Haag en een voormalig Westlands tuindersdorp en gemeente.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Bouwend ’s Gravenhage (detail)


WVG-2027

Fragment met bloemen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | hoogte ca. 15 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 103.

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Knipsel met pentekening en gouache van bloemen. Gekreukt en gescheurd, met loshangende delen.’

Fragment van een (verknipte) tekening met bloemen en straatstenen. In de collectie van Museum Dr. Guislain bevinden zich meerdere vergelijkbare fragmenten.


WVG-2028

Scheveningen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 50 x 100 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 6 (onder).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Schaatsers, gebouwen en boten. Stuk uitgeknipt.’

Tekening van een strandlandschap met personen, bebouwing en een boot, waaruit een gebouw is geknipt. Het uitgeknipte deel is verwerkt in de collage Bouwend ’s Gravenhage (midden boven), samen is dit een tekening van het (negentiende-eeuwse) Stedelijk Badhuis Scheveningen.

Bouwend ’s Gravenhage (detail)


WVG-2029

Japan | ca. 1960 | gemengde techniek op papier | 21 x 15 cm | collectie Stichting Willem van Genk, Haarlem

Boekje op A5-formaat. Werkstuk over Japan voor de Handelshogeschool in Rotterdam uit 1915/16, door Van Genk bewerkt met aantekeningen, versieringen, literatuurlijsten en extra pagina’s.

Voor meer informatie, zie hier.

WVG-2029

Etsen etc.

Etsplaat Colonnade

Nogmaals de ets Minsk. Daarop staat een aantal teksten, waarop ik hier en hier ben ingegaan. Die laatste post ging over het woord BERJOSKA aan de onderkant van de ets, met links en rechts daarvan twee ingekaderde teksten in kleinere letters. Een geïnteresseerde lezer van dit blog wist ook deze twee (eigenlijk drie) woorden te ontraadselen. Rechts bleek de naam van de dissidente Wit-Russische dichter JANKA KUPALA (of Koepala) te staan. Koepala (1882-1942) wordt beschouwd als een van de belangrijkste Wit-Russische auteurs van de twintigste eeuw. Hij overleed na een val van de trap in het Hotel Moskva in Moskou.

Het woord links leverde iets meer problemen op. Er lijkt SISCHLOTS te staan, wat op zich niets betekent. Waarschijnlijk gaat het om een spelfout – Van Genk diende in spiegelbeeld schrijven voor de ets – en moest er ‘Sislotsch’ staan, een Duitse benaming (ook wel ‘Swislotsch’ of ‘Swislatsch’) voor de Wit-Russische stad die vooral bekend is onder de naam Swislowitz. De stad is de geboorteplaats van de zionistische politicus en schrijver Schmarjahu Levin (1867-1935). Een andere optie is dat Van Genk wilde verwijzen naar de Wit-Russische rivier die in het Russisch Swislotsch heet.

Minsk (details)

***

Museum Dr. Guislain in Gent bezit de etsplaten van de vier grote etsen van Willem van Genk (voor een vijfde ets zie hier). Op de etsplaat van Tunnel Napels is te zien dat Van Genk aan de rechterkant van de ets een tekst had voorzien, die echter in de afdrukken niet meer als zodanig herkenbaar is. Er lijkt iets te staan als CITA DI NAPOLETANI, in de 3e regel zijn de woorden delle FAME te herkennen, de 4e regel begint met TUTTO.

etsplaat Tunnel Napels in spiegelbeeld (detail)

***

Opvallend is dat de vier grote etsen van Willem van Genk in verschillende kleuren zijn afgedrukt: in zwart, maar ook in rood, sepia, groen en dondergroen. Dat laatste kan eventueel het gevolg zijn van een inktresidu van de groene gang maar de andere kleuren zijn onmiskenbaar. Zelf bezit ik een groene afdruk van Colonnade, ik ken een foto van een sepia afdruk van Minsk en bij Museum Dr. Guislain heb ik nu ook rode afdrukken van Minsk en een groene afdruk van Tunnel Napels gezien.

Op zich is het niet gangbaar om binnen één oplage van een (monochrome) ets afdrukken in verschillende kleuren inkt te hebben – een andere kleur is in principe een ander werk. In het geval van de etsen van Van Genk lijkt er echter te zijn doorgeteld: van bijvoorbeeld Minsk zijn er twee exemplaren in rood, twee in sepia, zeven in zwart en drie onbekend. Samen zijn dat veertien exemplaren, een serie van dertien plus de épreuve d’artist.1 Dit komt overeen met de telling, waarbij er geen enkele overlapping is in de nummering. En ‘niet gangbaar’ betekent natuurlijk niet dat een dergelijke situatie niet mogelijk is. Er zijn geen wetten of geschreven regels.

Minsk 11/13 (detail)

***

Colonnade en Siljaline kennen elke een oplage van 5, Minsk van 13 en Tunnel Napels van 14. De hogere oplagen van Minsk en Tunnel Napels hadden waarschijnlijk te maken met Van Genks beslissing om extra afdrukken te laten maken bij de Haagse etsdrukker Johan D. Scherft die hij kende via Cees Bolding, de onderdirecteur van de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. Ook academiestudent Simon Koene was een klant:

Via Willem Minderman, een collega van Dirk van Gelder, kwam ik bij Johan Scherft terecht. Hij was een van de weinige etsdrukkers van het land. Scherft was toen al een oude man en drukte mijn prenten voor een paar gulden per stuk. Hij had een indrukwekkend atelier met een grote Krause-pers, waar de etsinkt van decennia zich als een dikke gerimpelde koek op de spaken van het wiel had afgezet. In een apart kamertje bewaarde hij een groot dik boek, waarin de prenten van vele generaties kunstenaars werden bewaard. Met een zekere vorm van theater vertelde hij dat mijn prenten in dat boek zouden worden opgenomen en hij voorspelde mij een gouden toekomst, net zoals hij dat eerder bij Westerik had gedaan. Ik was zeer gelukkig met zijn complimenten, maar Minderman noemde hem een afzetter, omdat hij te veel geld van een arme student vroeg. Toen ik enige tijd later op een zaterdagmorgen weer eens wat prenten bij hem kwam ophalen, werd de deur door zijn vrouw geopend. Ze vertelde mij het droevige bericht dat haar man de avond daarvoor in het ziekenhuis was opgenomen. Een paar dagen later was hij overleden.2

Scherft had dus, al sinds 1916, de gewoonte om één exemplaar te bewaren van alle door hem gedrukte etsen, grotendeels samengebracht in een album dat uiteindelijk zo’n zeshonderd etsen van circa tweehonderd kunstenaars bevatte. De twee etsen van Van Genk hadden een te groot formaat voor het album; Scherft markeerde ze met vier kruisjes, hetgeen duidde op een geslaagde afdruk. Dit alles volgens zijn kleinzoon, die in 2023 een herinventarisatie van het archief van zijn grootvader maakte. De afdrukken, gedateerd mei 1968, zijn eigendom van de Stichting Collectie Scherft. De Minsk van Scherft is zwart, de Tunnel Napels donkergroen.3

Minks met aantekening Johan D. Scherft (detail)


NOTEN

  1. Museum Dr. Guislain bezit de épreuve d’artist van Minsk (rood), Tunnel Napels (groen) en Siljaline (zwart). ↩︎
  2. E-mail van Simon Koene aan Jack van der Weide, 14 juli 2023. Dirk van Gelder gaf etslessen aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in de tijd van Van Genk. ↩︎
  3. De kleur donkergroen komt alleen voor bij Tunnel Napels. ↩︎

Aanzet tot een catalogue raisonné (23)

Dit is het drieëntwintigste deel van een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk.

Vitrine van Museum Dr. Guislain bij de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (foto Frans Smolders)


WVG-2011

Ridderzaal | ca. 1955 | potlood op papier | ca. 15 x 25 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Zwart-wit tekening met een gekleurde tondo van de Ridderzaal in Den Haag, waaruit een ooievaar is geknipt; zowel de tekening als de ooievaar zijn verwerkt in de collage Bouwend ’s Gravenhage (WVG-0052). De tekening waaruit de tondo is geknipt, bevindt zich eveneens in de collectie Museum Dr. Guislain.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Woest (2019-2020).

WVG-2001


WVG-2012

Leipzig | ca. 1955 | inkt op papier | breedte ca. 18 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 7 (onder).

Twee overlappende tondi met afbeeldingen in rode inkt van het Reichsgericht en het Europahaus in Leipzig. Museum Dr. Guislain bezit ook de tekening waaruit de tondi afkomstig zijn (‘Tekening met rode inkt en 2 cirkelvormige figuren uitgeknipt uit het papier’). De afbeeldingen zijn ook te vinden (in kleur) op Kathedraal Pilsen (WVG-0044).

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Kathedraal Pilsen (detail)


WVG-2013

Leipzig | ca. 1955 | rode inkt op papier | hoogte 11,2 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 1.

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Pentekening in rode inkt van stadsgezicht, in een driekwartcirkel uitgeknipt. Op de achterzijde is er een tekening van een paleis.’

Aan de onderzijde afgeplat tondo met afbeelding in rode inkt van het plein voor het station in Leipzig. De afbeelding is ook te vinden (in kleur) op Kathedraal Pilsen (WVG-0044). Op de achterkant is een ander gebouw te zien (het operagebouw in Leipzig), dat eveneens in kleur te vinden is op Kathedraal Pilsen.

Kathedraal Pilsen (detail)


WVG-2014

Plaatwerken land en volkerenkunde | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 20 x 15 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 8 (grotendeels).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘3 knipsels uit geschreven nota over ‘plaatwerken landenvolkerenkunde’. Uit het papier zijn de letters K, L en N en een sterrenvorm uitgesneden.’

Document met teksten over Duitsland, waaruit met name de letters K O L N (i.e. KÖLN = Keulen) zijn geknipt. De letters zijn gebruikt in Urbanisme et Architecture (WVG-0054), linker deel, rechts boven. Dit is in lijn met een door Van Genk veelgebruikt procedé om de naam van een geografische locatie te vormen met letters die zijn geknipt uit een document óver die locatie.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Urbanisme et Architecture (detail)


WVG-2015

Groeten uit Utrecht | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 22 x 32 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 105 (grotendeels).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Pentekening op uitgeknipt papier van Utrecht, ook op achterzijde betekend. Twee gaten in de linkerkant.’

Zwart-wit pentekening (met tekst) van Utrecht, waaruit een vorm is geknipt. De uitgeknipte vorm is het Vredepaleis in Den Haag en is gebruikt in Bouwend ’s Gravenhage (WVG-2011), boven de ooievaar die naast de letters V.V.V. staat. Op de achterkant stond inderdaad een tekening van HET VREDESPALEIS TE ‘S GRAVENHAGE.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Bouwend ’s Gravenhage (detail)


WVG-2016

Planta di Roma | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | afmeting onbekend | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, pp. 26-27 (uitgevouwen; grotendeels) en 74 (boven; opgevouwen).

Uitvouwbaar vel met teksten en enkele tekeningen over Rome. Als titel is waarschijnlijk bedoeld ‘Pianta di Roma’, kaart van Rome.

Het object was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

Planta di Roma (detail)


WVG-2017

Stadsbeeld met molen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 40 x 15 cm | particuliere collectie

Tekening van een Franse stad op bruin papier in inkt en kleurpotlood. Van Genk beeldt waarschijnlijk een versie van de omgeving van de Moulin Rouge aan de Boulevard de Clichy in Parijs af. Enkele reclames (BYRRH, DUBONNET) keren terug op Metrostation Opéra (WVG-0004).

WVG-2017


WVG-2018

Plein met standbeeld | ca. 1955 | balpen op papier | ca. 20 x 20 cm | particuliere collectie

Schetsmatige pentekening van een stadsplein. Op de voorgrond een ruiterstandbeeld met eromheen een hek en op de sokkel de woorden LA MONUMENT VICTORIE. Waarschijnlijk gaat het om het Place des Victoires in Parijs.

WVG-2018


WVG-2019

Brussel/Zagreb | ca. 1990 | balpen op papier | ca. 15 x 45 cm | particuliere collectie

Kleine tekening in vierkleurenbalpen met vroege versies van Gare de Bruxelles (WVG-0102) en het middendeel van Zagreb (WVG-0103). De tekening is aan de achterkant verstevig met wikkels van de AVRO bode, geadresseerd aan Van Genk.

WVG-2019

Aanzet tot een catalogue raisonné (22)

Dit is het tweeëntwintigste deel van een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk.

Album van Antwerpen (WVG-2005)

In de vorige eenentwintig posts met een aanzet tot een catalogue raisonné heb ik het gehad over tweedimensionaal werk (1 t/m 9), asssemblages (10 t/m 12) en de tekeningen en knipsels in de kwestie die ik hier en hier heb beschreven (13 t/m 21). In het geval van Willem van Genk is de vraag hoever je moet/kunt/dient te gaan, waar het gaat om snippers, knipsels en wat dies meer zij. In de serie 13 t/m 21 heb ik geprobeerd om (binnen het gestelde kader) álles te beschrijven, maar dat was vooral omdat er daar wat andere zaken speelden.

Ik beschik over een lijst van Museum Dr. Guislain met een (niet volledig) overzicht van knipsels, kleine tekeningen etc., die zijn aangetroffen tussen en in de boeken van Van Genk (‘Knipsels uit de bibliotheek van Willem van Genk’). Items uit die lijst vormen het grootste deel van het corpus van deze serie blogposts. De vraag is uiteraard wel wanneer een item het beschrijven waard is en wanneer niet; een vraag die het museum zichzelf ongetwijfeld eveneens zal hebben gesteld. Ik heb gekozen voor items die, in de ruime zin des woords, kunnen gelden als tekening. Die keuze is uiteraard subjectief en ik sluit niet uit dat uiteindelijk ook de overige items aan bod zullen komen.

Een aparte categorie vormen de documenten met alleen tekst, zoals brieven, vakantienotities, lijstjes etc. Deze zijn hier niet opgenomen. Wel opgenomen zijn tekeningen met een uitgesneden of -geknipte vorm, vaak gebruikt in ander werk. Museum Dr. Guislain bezit veel van dergelijke tekeningen. De uitgeknipte vorm is vaak rond (tondo); tekeningen met een uitgeknipte vorm kwamen eerder voor, zie b.v. WVG-0115, WVG-0130, WVG-1040, WVG-1058 t/m WVG-1062, WVG-1064, WVG-1065, WVG-1089, WVG-1090 en WVG-1092.

Items die zijn afgebeeld in Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), die te zien waren op een tentoonstelling of waarvan ik over een foto beschik, hebben voorrang gekregen.


WVG-2001

Zonder titel (jeugdtekening) | ca. 1935 – 1940 | potlood op papier | ca. 15 x 20 cm | particuliere collectie

Bij de spullen van haar oude tantes trof een nicht van Willem van Genk enkele jaren geleden een jeugdtekening van de kunstenaar aan. Het ging om een potloodtekening van een verkeersknooppunt bij een station met enkele panden. Blijkens het onderschrift zou het gaan om STATION ROOSENDAAL en de STEENBERGSCH STRAATWEG, maar de weergegeven verkeerssituatie en gebouwen komen niet overeen met de contemporaine realiteit. Er is geen ondertekening of datering 

Voor meer informatie en een afbeelding zie hier.


WVG-2002

Groeten uit Scheveningen | ca. 1945 | gemengde techniek op papier | ca. 15 x 20 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 6 (boven links).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Pentekening op papier van boot met opschrift en titel: “Groeten uit Scheveningen”. Op de achterzijde het opschrift: Scheveningen in potlood. Aan achterzijde is er in geknipt.’

Te zien op deze vroege tekening is een varende boot, K.W. 85, met erboven de teksten “Werken van ‘s-Gravenhage” en “Groeten uit Scheveningen”. Achter de masten van de boot staat een lijst met een zestal titels van publicaties over ’s Gravenhage, waarvan de meest recente uit 1947 is.


WVG-2003

Molen | ca. 1945 | gemengde techniek op papier | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 6 (boven rechts).

De tekening is opgenomen in Willem van Genk bouwt zijn universum, onder de noemer ‘Knipsels uit de bibliotheek van Willem van Genk’. Op de achterkant staat de tekst (Hollandsch Glorie) Leiden omstreken.


WVG-2004

Petit plan de Bruxelles | ca. 1950 | gemengde techniek op papier | ca. 40 x 25 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 9.

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Plan transportnetwerk Brussel. Achterkant opschrift ‘Petit plan de Bruxelles’ (net der Brusselsche tramwegen en buurtspoorwegen) + stempel W. VAN GENK.’

Kaart van het openbaar vervoer in Brussel. Linksboven de letter B in een cirkel, over een afbeelding van een tram. Er zijn duidelijke overeenkomsten met WVG-1008 (Tramplan Brugge) en WVG-1037 (Situatieplan Antwerpsche tram & Buurtspoorwegen).

De tekening was te zien tijdens de tentoonstellingen Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015) en Woest (2019-2020).


WVG-2005

Album van Antwerpen | ca. 1955 | boekje met draadbindrug, gemengde techniek op papier | ca. 12 x 20 cm | particuliere collectie

Afbeelding voorkant: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 104 (onder). Tekeningen uit het boekje zijn onder meer hier en hier te zien.

Omslag met daarin een leporello met zes potloodtekeningen. Vormgegeven als een officiële uitgave: Album van Antwerpen, “de signorenstad aan de schelde!”, het eerste deel van een serie schetsboeken met “stadgezichten en landschappen”.

Op de binnenzijde van de voorkant staat in rode inkt een inhoudsopgave, onder de teksten Tekeningen stadgebied Antwerpen en “ANVERSOIS”. De binnenzijde van de achterkant van het omslag is betekend (een schip dat op de Schelde vaart, met het silhouet van Antwerpen op de achtergrond), maar onduidelijk is of dit door Van Genk zelf is gebeurd. Op de achterkant staat een aantal teksten, opnieuw in rode inkt, waaronder een Index tekeningen stad Antwerpen en een Oriënteringswandeling, onder SPQA in grote letters.


WVG-2006

Keyserlei, Antwerpen | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | 4 delen, per deel ca. 40 x 15 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 29 (boven).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Tekening van Brussels stadslandschap bestaande uit 4 delen. Hier en daar kleine scheuren.’

Ingekleurde tekening van de Antwerpse Keyserslei, over de straat een spandoek met de tekst BEZOEKT-DIT-JAAR-DE-BRUSSELSCHEJAARBEURS. Op de achtergrond het Antwerpse station.

Voor meer informatie en een afbeelding zie hier.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Aussi Loin qu’ici (2025-2026).


WVG-2007

In de jaren 1937 | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 40 x 15 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 29 (boven).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Tekening van deel van een zeppelin of hangaar met tekst op papierplakband.’

Pentekening van een deel van een zeppelinhangar, met onder meer de teksten (deels op ppierplakband) Thuishaven luftschif en In de jaren 1937 kreeg […] en bezoeker, met name de “Graf Zeppelin” […].


WVG-2008

Schwebebahn, Wuppertal | ca. 1955 | balpen op papier | ca. 20 x 20 cm | collectie Museum van de Geest, Haarlem

Afbeelding: zie hieronder bij WVG-2009.

Balpentekening van de Schwebebahn in Wuppertal, afkomstig van de familie Van der Wal. Hans Looijen, toenmalig voorzitter van de Stichting Willem van Genk, verwierf de tekening in 2021 van de familie, samen met een brief van Van Genk. De tekening is vrijwel identiek met WVG-2009.


WVG-2009

Schwebebahn, Wuppertal | ca. 1955 | balpen op papier (uitgeknipt tondo) | ca. 20 x 20 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 3 (tondo) en 8 (onder; rest).

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain (zonder tondo): ‘Balpentekening van bruggen op een industriegebied. Bovenaan cirkelvorm uitgeknipt.’

Balpentekening van de Schwebebahn in Wuppertal, met een uitgeknipt tondo. De tekening is vrijwel identiek met WVG-2009.

De tekening, inclusief tondo (zie foto hieronder) was te zien tijdens de tentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders (2015).

WVG-2008 en WVG-2009


WVG-2010

Het onbekende China tegemoet | ca. 1955 | gemengde techniek op papier | ca. 40 x 25 cm | collectie Museum Dr. Guislain, Gent

Afbeelding: zie hieronder.

Beschrijving in de database van Museum Dr. Guislain: ‘Tekening over China met tekst in verschillende kleuren balpen.
Uitgesneden/ uitgescheurde vorm in midden.’

Geïllustreerde tekst over Socialistisch China in opbouw met een uitgeknipte vorm.

De tekening was te zien tijdens de tentoonstelling Woest (2019-2020).

WVG-2010

Kunsthuis, Moskou, Amsterdam

Trolleybus (detail)

Velp is een ‘dorp’ met bijna 20.000 inwoners in de gemeente Rheden in Gelderland. Het ligt tegen de stad Arnhem aan. Toen Arnhem in september 1949 de trolleybus invoerde, was het eerste traject Velp-Oranjestraat, enkele maanden later uitgebreid tot Velp-Oosterbeek. Deze lijn (tot 1944 een tramlijn) bleef decennialang in stand. De verbondenheid van Arnhem en Velp blijkt ook uit de straatnamen Velperplein en Velperweg, en uit de stationsnaam Arnhem Velperpoort. Op de vele werken van Willem van Genk die Arnhem als onderwerp hadden, wordt Velp zeer regelmatig genoemd. De plaats zelf beeldde hij bij mijn weten nooit af.

In 1989, van 8 juni tot 3 september, was in cultureel centrum Kunsthuis 13 in Velp de groepstentoonstelling Het speelse element te zien. Een van de exposanten was Willem van Genk, wiens ster weliswaar was gerezen sinds zijn tentoonstelling bij La Collection de l’Art Brut in 1986, maar die zeker nationaal nog relatief onbekend was. Er was in de landelijke kranten geen aandacht voor Het speelse element, maar tussen de nagelaten papieren van Nico van der Endt trof ik een fotokopie aan van een recensie uit waarschijnlijk De Gelderlander. Kunstcriticus Jan Nieland lijkt wel de kwaliteit van het werk van Van Genk te zien, al toont hij zich niet meteen een bewonderaar. Ook vindt hij het werk bepaald niet speels:

Willem van Genk schildert weinig opwekkend de draconische ideeën waarmee hij zelf schijnt om te moeten gaan. De met grote dwangmatigheid tot stand gekomen werken gunnen ons een blik in een wereld die vervuld is van angsten en duisterheid. We treden in de schemerachtige overkapte stations uit de vorige eeuw, in tunnels en in de ellende van een wereld die vol is van fobieën. Van Genk schijnt erdoor te worden beheerst en schept met zijn beelden één grote niet aflatende schreeuw.1

De tekst van de recensie was geplaatst rond een grote afbeelding geplaatst van Reiseland Italien (WVG-0037). Afgaand op de recensie als geheel leek Van Genk inderdaad de meest opvallende exposant te zijn.

Van Genk bezocht de tentoonstelling2 en ook Nico van der Endt deed dat. Hij herinnerde zich dat de kunstenaar hem ook om een boodschap probeerde te sturen: ‘Bij een bepaalde bakkerij in Arnhem kon je een cake kopen, verpakt in een soort bouwdoos […]. Ik herinner mij een keer, toen ik terloops meldde dat ik naar Arnhem moest (vanwege de expositie in Velp) hij mij vroeg een cake te kopen.’3 Later voegde hij hieraan nog toe, op mijn vraag of hij zich de naam van de bakker nog wist te herinneren: ‘Een naam/adres werd er toen niet bij genoemd, waarschijnlijk omdat ik niet erg enthousiast reageerde …’4

Brief aan aan Françoise Henrion, 19 februari 1988 (detail)

Het woord ‘Velp’ komt ook voor op het tweede blad van de brief die Van Genk op 19 februari 1988 aan Françoise Henrion stuurde en die in facsimile staat afgedrukt op pp. 1-2 van Een getekende wereld: ‘visit the Gorky Bollar Expo Velp Kastanjelaan’. Bollar, afkomstig uit Uruguay maar sinds 1976 woonachtig in Amsterdam, werd eveneens vertegenwoordigd door galerie Hamer. Hij exposeerde inderdaad in de eerste maanden van 1988 in Velp5 – ook bij Kunsthuis 13, gevestigd aan de Kastanjelaan nummer 13.  

***

Nog een keer terug naar Moskou. In mijn vorige post schreef ik over de ets Minsk, in het bijzonder over de teksten op die ets. Ik vergat daarbij een tekst aan de onderkant van de ets, gedeeltelijk verborgen door de bloemenrand om de afbeelding:

Minsk (detail)

In enigszins gestileerde letters valt het woord BERJOSKA te lezen, met links en rechts daarvan twee ingekaderde teksten in kleinere letters. ‘Berjoska’ (Berjozka, Beryozka; in het Russisch Берёзка, letterlijk ‘berkje’) was de naam van twee door de staat gerunde winkelketens in de Sovjetunie, waar men met Westerse valuta luxe consumptiegoederen kon kopen. Aardig is de beschrijving van vertaler en schrijver Charles B.Timmer:

Een aantal jaren geleden (de juiste datum is mij niet bekend), kwam er in Rusland een variant op het ‘Torgsin-systeem’ in zwang: de zogenaamde ‘Berjozka’-winkels (de ‘Berkeboom-winkels’), waarin tegen bescheiden prijzen aantrekkelijke goederen aan buitenlanders worden aangeboden. Iedere harde valuta (dus niet die van de bevriende Oosteuropese buurlanden en bondgenoten) is welkom, – maar voor sowjetonderdanen gelden hier strengere bepalingen: in de ‘Berjozka’-winkels hangt een plakkaat met de mededeling: ‘verkoop tegen valuta aan buitenlanders; sowjetburgers in bezit van valuta gelieven zich te wenden tot dat-en-dat bureau, waar zij hun valuta kunnen inwisselen tegen coupons’, – m.a.w. voor de sowjetburgers is een controle-apparaat ingeschakeld, dat nagaat, waar die valuta vandaan komt, – en dit maakt uiteraard het bezoek van die sowjetburgers aan de valutawinkels ‘Berjozka’ in sommige opzichten minder aantrekkelijk: illegaal door kontakten met buitenlanders, journalisten, diplomaten, enz. verworven valuta kan aanleiding geven tot pijnlijke vragen.6

ChatGPT wist in Moskou de locaties te vinden van zes Berjoska-winkels, onder andere in het Intourist-hotel in de Tverskaja-straat (‘hier zat een typische Beryozka-winkel’). Hoewel in de buurt, mag dit hotel niet worden verward met hotel Minsk, een fout die ik aanvankelijk ook zelf maakte. Hotel Intourist bestond tussen 1970 en 2022, en was de eerste decennia uitsluitend bedoeld voor buitenlandse toeristen. Het was dus niet verwonderlijk dat er een Berjoska-winkel zat. Maar omdat de ets Minsk uit 1967 stamt en het Intourist-hotel uit 1970, zal dit niet de specifieke winkel zijn waarnaar op het werk wordt verwezen. Ook op een ander werk van rond 1967, 50 jaar Sovjetunie, noemt Van Genk BERJOSKA SHOP in combinatie met INTURIST. Dat laatste zal hier dus evenmin een verwijzing naar het gelijknamige hotel zijn.

***

En ook nog een keer terug naar Amsterdam. In mijn vorige post maakte ik melding van een tekening van Willem van Genk die een paar weken geleden opdook op de website van de Outsider Art Fair 2026 en die werd aangeboden door de New Yorkse galerie Ricco/Maresca voor een bedrag van USD 125.000, Amsterdam Centraal Station. Na ampel onderzoek blijkt dit de tekening te zijn die galerie Hamer twee keer verkocht, eerst in 1987: ‘In februari en maart toon ik in de galerie onder de titel Contrasten een mengeling van naïeve kunst en art brut, waaronder een klein werk van Willem Centraal Station Amsterdam (gemengde techniek op papier en linnen, 52 x 40 cm) voor fl. 4250 […] waar hij niet bijzonder aan hecht en verkocht mocht worden aan een Amsterdamse verzamelaar.’7 Bij het citaat staat een voetnoot: ‘Uit het legaat van deze relatie zal de tekening in 2004 naar de V.S. verkocht worden als één van de drie werken die daar tot op heden via Galerie Hamer terecht komen.’

Amsterdam Centraal Station (detail)

Ik was even op een dwaalspoor gezet omdat Van der Endt andere maten geeft dan Ricco/Maresca. Het gaat echter wel degelijk om hetzelfde werk, bevestigde ook de Amerikaanse koper uit 2004. Dat jaartal is overigens aan twijfel onderhevig, volgens een andere bron moet het 2006 zijn geweest. Daarnaast is er nog een tweede tekening die door Van der Endt met dezelfde titel wordt aangeduid: ‘Bij een verzamelaar in Düsseldorf bevinden zich twee tekeningen, een Panorama Moskou […] en een vroeg gezicht op het centraal station van Amsterdam, Centraal Station, Amsterdam (gem. techniek op papier op doek, 52 x 40 cm). Een jaar later verwerf ik beide tekeningen’.8 Het gaat hier om WVG-0014, door Hamer in 2003 verkocht aan een particuliere verzamelaar. De tekening was eerder te zien geweest bij de tentoonstelling Van Genk’s fantastische werkelijkheid bij Steendrukkerij De Jong & Co. in Hilversum in 1964. Volgens de tentoonstellingscatalogus waren de maten van het werk, catalogusnummer 14, 67 x 51 cm.9


NOTEN

  1. Jan Nieland, ‘Speels, maar geen spelletje. Kunsthuis 13 Velp pakt flink uit in zomertentoonstelling’, in: De Gelderlander, [1989]. ↩︎
  2. ‘In de zomer doet Willem mee met een vijftal werken aan de zomerexpositie van het gemeentelijke Kunsthuis 13 te Velp onder de titel Het speelse element. Willem is bijzonder tevreden dat hij vanaf station Arnhem met een trolleybus naar zijn expositie kan reizen en zegt mij: “Je hebt weer vuurwerk gemaakt!”.’ (Van der Endt, Kroniek van een samenwerking, p. 63) ↩︎
  3. E-mail van Nico van der Endt aan Jack van der Weide, 11 mei 2014. ↩︎
  4. E-mail van Nico van der Endt aan Jack van der Weide, 9 juni 2016. ↩︎
  5. E-mail van Nico van der Endt aan Jack van der Weide, 17 februari 2020. ↩︎
  6. Charles B.Timmer, ‘Russische notities’, geciteerd uit: Tirade, jrg.15 (1971), p. 229. ↩︎
  7. Van der Endt, Kroniek van een samenwerking, p. 57. ↩︎
  8. Ibid., p. 125. ↩︎
  9. Van Genk’s fantastische werkelijkheid (tent. cat. Hilversum), p. 14. ↩︎

IJsjes, Cuypers, Hotel Minsk

Minsk (detail)

In juni 1986 vond bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne de opening plaats van de langverwachte tentoonstelling van werk van Willem van Genk, door directeur Michel Thévoz al sinds 1980 in het vooruitzicht gesteld. Rond de tentoonstelling verscheen ook het veertiende nummer van de reeks L’art brut, een prestigieuze serie bundels over art brut-kunstenaars die door Jean Dubuffet in 1964 was begonnen. In nummer veertien waren tweeëntwintig pagina’s ingeruimd voor Van Genk, die naast een flink aantal afbeeldingen gevuld waren met een inleidende tekst door Joop Bromet (een bewerking van zijn tekst voor het boek nederlandse naïeve kunst uit 1979) en een interview met de kunstenaar door Nico van der Endt. Op 7 februari 1986 toog laatstgenoemde naar de woning van Van Genk in de Harmelenstraat in Den Haag, gewapend met fototoestel en cassetterecorder – om de woorden van de kunstenaar vast te leggen en om foto’s te maken van het interieur van diens flat, als illustraties bij het interview.

De slaapkamer van Willem van Genk, 1986 (detail; foto: Nico van der Endt)

Dit alles als inleiding op aanvullende informatie bij mijn eerdere opmerkingen over de blonde, vaak ijs etende meisjes die op verschillende werken van Willem van Genk terugkeren. Op een van de foto’s die Nico van der Endt in 1986 maakte, is te zien dat de meisjes teruggaan op twee bronnen: een sjabloon en een afbeelding, die sterk op elkaar lijken. Beide zijn boven het opklapbed van Van Genk bevestigd aan de bovenkant van twee van zijn werken, Engelenburcht en Smolny Kathedraal. Een contactafdruk laat nog iets meer van de afbeelding zien, mogelijk staat naast het meisje verticaal het woord REIZEN.

De slaapkamer van Willem van Genk, 1986 (foto: Nico van der Endt)

Zo’n tien jaar later maakten Ans van Berkum of Bart van Hattum of Pim Leutholff een foto van de slaapkamer waarop eveneens de ombouw van het opklapbed te zien is.1 De afbeelding is verdwenen (of niet te zien), het sjabloon is er nog steeds, bevestigd aan de bovenkant van Smolny Kathedraal. Te zien is dat de tekst Bezoek de druivenfeesten in Naaldwijk! geel is en de tronies rond het sjabloonmeisje oranje.

De slaapkamer van Willem van Genk, ca. 1998 (Een getekende wereld)

***

Pierre Cuypers was vooral een architect van kerken, maar is het bekendst van het Rijksmuseumgebouw (1876-1885) en het Centraal Station (1881-1889), beide in Amsterdam. De twee gebouwen leken voor relatieve buitenstaanders dusdanig op elkaar, dat galeriehouder Manfred Schmela in 1964 Van Genks tekening Amsterdam (WVG-0014) abusievelijk omschreef als ‘Amsterdam (Reichsmuseum)’.2 Het Rijksmuseum werd door Van Genk bij mijn weten nooit afgebeeld, het Centraal Station des te vaker, onder meer op Amsterdam Prins Hendrikkade (WVG-0005), Amsterdam (WVG-0047) en Amsterdam, gezicht op CS (WVG-0113).

Nog meer in close-up is de tekening Amsterdam Centraal Station (WVG-0083), die al jaren uit zicht was en die dus ook niet te zien was geweest tijdens de tentoonstelling Woest. Een paar weken geleden dook het werk ineens op op de website van de Outsider Art Fair, waarvan de 34e editie werd gehouden in New York van donderdag 19 tot en met zondag 22 maart 2026.3 De tekening werd aangeboden door de New Yorkse galerie Ricco/Maresca, voor een bedrag van USD 125.000. Afmetingen waren volgens de website 58,4 x 38,1 cm, terwijl als jaartal 1959 werd genoemd. Navraag leerde dat dat laatste was overgenomen uit Een getekende wereld.4 Op de laatste dag van de Outsider Art Fair verschenen op het Facebook- en Instagram-account van de beurs enkele foto’s van het werk, met de toevoeging ‘A rare find’.

Amsterdam Centraal Station (detail)

***

De ets die bekend is onder de titel Minsk zou eigenlijk Hotel Minsk moeten heten. Afgebeeld is een straat in Moskou met, inderdaad, het genoemde hotel. De tekst aan de onderkant van de ets specificeert een en ander: (MIHCK) MINSK = STALINPROSPEKT = (WFAM VAN GENK • ‘S GRAVENHAGE) = CENTRAAL • POSTKANTOOR = HOTEL • MINSK (INTOURIST) • CCCP. In mijn biografie van Willem van Genk schreef ik dan ook dat hij op de ets ‘een straatscène af[beeldde] bij hotel Minsk aan de Stalinprospekt in Moskou, ter hoogte van het centraal postkantoor.’5 Dat bleek niet helemaal te kloppen.

Hotel Minsk was een hotel in Moskou dat in 1964 opende en gelegen was aan de Gorkistraat. In 2005 werd het hotel afgebroken en vervangen door een multifunctioneel complex, met daarin het Tverskaya Hotel, een winkelgebied en een kantorencentrum.6 ‘Gorkistraat’ was tussen 1932 en 1990 de naam van de Tverskayastraat; waar Van Genk derhalve ‘Stalinprospekt’ (of Stalinstraat/-laan) vandaan haalde, is onduidelijk. Mogelijk was hij op de hoogte van het feit dat de Gorkistraat vroeger een andere naam had, maar wist hij niet welke. Een andere optie is dat Van Genk het over EEN Stalinprospekt had: onder Stalin was de straat hernoemd, verbouwd, dertien meter verbreed en voorzien van Stalin- architectuur. Ook de trolleybussen, veelvuldig te zien op afbeeldingen van de straat, werden onder Stalin ingevoerd.

Hotel Minsk in de jaren zestig

Een andere kwestie was die van het centraal postkantoor. Er was een postkantoor(tje) in hotel Minsk, maar dit kon zeker niet gelden als centraal postkantoor. Anderzijds was (en is) er natuurlijk een hoofdpostkantoor in Moskou, in een bezienswaardig gebouw, maar dat lag niet in de buurt van hotel Minsk. Waar Van Genk precies op doelde, is derhalve onduidelijk. Wat hij met ‘Intourist’ bedoelde, is wel duidelijk: dit was in de tijd van de Sovjetunie de enige organisatie die buitenlandse toeristen mocht opvangen, huisvesten en rondleiden. Intourist – Интурист, een samentrekking van Иностранный турист (inostrannyj toerist), ‘buitenlandse toerist’ – exploiteerde ook hotels en het is zeer wel mogelijk dat hotel Minsk er daar één van was.


NOTEN

  1. De foto staat op p. 73 van Een getekende wereld, samen met een aantal andere foto’s. Uit de credits op p. 144 is niet op te maken welke foto van wie is. Vermoedelijk is de foto van Pim Leutholff, die rond dezelfde tijd de korte film Willem van Genk. Een tocht door zijn huis maakte, met vergelijkbare beelden. ↩︎
  2. Manfred Schmela aan Pieter Brattinga, 2 december 1964 (archief Pieter Brattinga). ↩︎
  3. Hier is een impressie van de beurs te zien. Het werk van Van Genk is enkele seconden in beeld vanaf 13:22. ↩︎
  4. E-mail van Suzy Bucky aan Jack van der Weide, 17 maart 2026. ↩︎
  5. Van der Weide, De eenheid van het spinnenweb, p. 137. ↩︎
  6. Informatie ontleend aan de Russische Wikipedia-pagina over hotel Minsk. ↩︎