Tijdlijn

Willem van Genk, 1986 (foto: Nico van der Endt)

Veel, heel veel is nog onduidelijk over het leven van Willem van Genk. Onderstaande tijdlijn maakte ik een jaar geleden op verzoek van Nico van der Endt, waarna er mondjesmaat informatie kon worden toegevoegd. Uiteraard is de kennis van dit moment leidend, in de zin dat gegevens kunnen ontbreken of onjuist kunnen zijn. Tentoonstellingen en boekpublicaties zijn eveneens opgenomen, waardoor de tijdlijn doorloopt ná het overlijden van de kunstenaar in 2005.

Wat de tentoonstellingen betreft heb ik me een enkele keer gebaseerd op het overzicht in Een getekende wereld (1998), al ben ik me ervan bewust dat die lijst soms gegevens bevat die niet geheel juist zijn. In het geval van de reizen heb ik me noodzakelijkerwijs moeten beperken tot wat ik te weten kwam uit boeken en artikelen over Van Genk en enkele documenten die beschikbaar zijn. Het LaM in Villeneuve d’Ascq heeft een aantal van die documenten uiterst bruikbaar gefotografeerd. Veel is verloren gegaan bij de ontruiming in 1998 van het appartement in de Harmelenstraat. Onduidelijk is of de Stichting Willem van Genk en/of Museum Dr. Guislain over documenten beschikken, vergelijkbaar met die uit de collectie van het LaM.


188215 aprilGeboorte Maria Martina Hoogstraten te Naaldwijk.
188710 novemberGeboorte Josephus Johannes Maria van Genk te Bergen op Zoom.
191515 aprilHuwelijk Jozef van Genk en Maria Hoogstraten.
19272 aprilGeboorte Willem Franciscus Antonius Maria van Genk in ziekenhuis Antoniushove in Voorburg; gedoopt in de Sint Martinuskerk in Voorburg.
193225 novemberOverlijden Maria van Genk-Hoogstraten.
ca. 1932-1933 Verblijf bij gezin tante in Bergen op Zoom.
19332 februariVerhuizing binnen Voorburg van Van de Wateringelaan 25 naar Van Aremberglaan 157.
19349 meiHuwelijk Jozef van Genk en Maria Anna Heesen (1893-1951).
 5 juniVerhuizing binnen Voorburg naar Van Aremberglaan 86.
193511 septemberVerhuizing binnen Voorburg naar Van Alphenstraat 93.
1939meiVerhuizing van Voorburg naar Harreveld (jeugdinternaat).
1940juliVerhuizing van Harreveld naar Den Haag (Magnoliastraat 10).
 septemberVerhuizing van Den Haag naar Huijbergen (weeshuis).
1941juliVerhuizing van Huijbergen naar Den Haag.
ca. 1941-1942 Opleiding tot elektrotechnicus.
1944 januariOndervraagd door de SD.
ca. 1945-1946 Oproep voor militaire dienst.
  Kortstondige baantjes in Den Haag (tekenaar bij reclamebureau, typist bij farmaceutisch bedrijf, broodverkoper, hulpje schoenmaker).
1947 Tewerkgesteld in een AVO-werkplaats aan de Haagse Sirtemastraat.
195220 februariHuwelijk Jozef van Genk en Leonarda Pennekamp (1887-1954).
ca. 1952-1962 Groepsreizen naar onder meer Parijs, Madrid, Kopenhagen, Rome en Keulen.
19583 oktoberOverlijden Jozef van Genk.
 ca. novemberAanmelding bij de Haagse Academie voor Beeldende Kunsten; toegelaten tot de avondacademie.
1963juniGroepsreis naar Tsjechoslowakije.
196418 januariOpening tentoonstelling Van Genk’s fantastische werkelijkheid bij Steendrukkerij De Jong & Co. in Hilversum (tot 18 maart).
 maartInterview met Bibeb.
  Beëindiging werkzaamheden AVO-werkplaats.
 24 juniOpening groepstentoonstelling Nieuwe realisten bij Gemeentemuseum in Den Haag (tot 30 augustus; daarna andere musea in Europa).
  Trekt in bij zuster Willy van Genk (Harmelenstraat 28, Den Haag).
 3 oktoberOpening tentoonstelling Van Genk’s phantastische Wirklichkeit bij Galerie Alfred Schmela in Düsseldorf (tot 25 oktober).
1966 Deelname prijsvraag zondagsschilders VARA – eervolle vermelding.
 12 novemberOpening groepstentoonstelling Nederlandse zondagsschilders: de droomwereld der naïeven bij De Vishal in Haarlem (tot 18 december; daarna andere musea in Nederland).
196523 aprilOverlijden Isabella van Genk (43).
196715 septemberOpening groepstentoonstelling De eigen wereld van 12 vrijetijdsschilders bij De Vishal in Haarlem (tot 15 oktober; daarna andere musea in Nederland).
  Deelname landelijke schilder- en tekenwedstrijd van Co-op Nederland – winnaar.
 4 novemberOpening groepstentoonstelling Kunstenaars in eigen tijd (deelnemers Co-op wedstrijd Zuid-Holland) bij Stedelijk Museum in Schiedam (tot 13 november).
 25 novemberOpening groepstentoonstelling Kunstenaars in eigen tijd (landelijke deelnemers Co-op wedstrijd) bij De Doelen in Rotterdam (tot 3 december) + prijsuitreiking door Mies Bouwman.
 10 decemberOverlijden Leny van Genk (52).
197215 februariOverlijden Addy Persoon-van Genk (54).
 2 novemberOpening groepstentoonstelling Naiv Kunst bij Louisiana Museum in Humblebæk, Denemarken (tot 4 februari 1973; daarna andere locaties in Scandinavië).
 14 septemberOverlijden Willy van Genk (48).
1973 Breuk met Pieter Brattinga.
  Eerste contact met Galerie De Ark in Boxtel.
 21 decemberOpening duo-tentoonstelling met etnografica Anuschka bij Galerie De Ark in Boxtel (tot 27 januari 1974).
19746 juliOpening groepstentoonstelling Nederlandse zondagsschilders bij De Schouwzaal in Hapert (tot 10 augustus).
 oktoberDeelname Galerie De Ark aan kunstbeurs IKI in Düsseldorf.
197522 meiOpening groepstentoonstelling Der Einzelne und die Masse bij Städtische Kunsthalle in Recklinghausen (tot 30 juli).
19767 februariOpening groepstentoonstelling para-naïeven, tussen waan en zin bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 15 maart).
 21 meiOpening tentoonstelling Willem van Genk bij Galerie De Ark in Boxtel (tot 14 juni).
  Begin samenwerking met Galerie Hamer in Amsterdam
 28 novemberOpening groepstentoonstelling Nederlandse naïeve kunst bij De Vishal in Haarlem (tot 2 januari 1977).
1977aprilDeelname Galerie Hamer aan kunstbeurs Dutch Art Fair ’77 Amsterdam in Amsterdam.
 9 juliOpening groepstentoonstelling Peintres naïfs bij Nationaal Museum voor Moderne Kunst in Tokyo (tot 28 augustus; daarna andere musea in Japan).
197816 decemberOpening groepstentoonstelling winterexpositie van naïeven uit binnen- en buitenland bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 4 februari 1979).
197928 aprilOpening groepstentoonstelling Nederlandse naïeve kunst bij Slot Zeist in Zeist (tot 4 juni).
1980maartReis naar New York + deelname Galerie Hamer aan kunstbeurs Art Expo in New York.
198110 februariOpening groepstentoonstelling Acquisitions 1980 bij Collection de l’Art Brut in Lausanne (tot 24 mei).
 12 decemberOpening tentoonstelling Willem van Genk bij De Kunstzaal in Hengelo (tot 10 januari 1982).
19825 meiOpening tentoonstelling Tekeningen en schilderijen van Willem van Genk bij Erasmushuis in Utrecht (tot 4 juni).
 2-10 augustusReis naar Berlijn.
1983novemberReis naar Parijs.
30 decemberOpening groepstentoonstelling bij VARA-studio in Hilversum (tot 30 januari 1984).
198420 juliOverlijden Nora Zalme-van Genk (68).
19853 meiOpening groepstentoonstelling Naïeven in de collectie van het Stedelijk bij Stedelijk Museum in Amsterdam (tot 17 juni).
 27 juliOpening groepstentoonstelling Naïeve kunst uit de collectie van het Stedelijk Museum Amsterdam bij Librije Hedendaagse Kunst in Zwolle.
 zomerGroepstentoonstelling zomerexpositie bij Galerie Hamer in Amsterdam.
198610 juniOpening tentoonstelling Willem van Genk bij Collection de l’Art Brut in Lausanne (tot 26 oktober).
19877 februariOpening groepstentoonstelling contrasten bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 22 maart).
 13 juniOpening groepstentoonstelling In Another World, outsider art bij Ferens Art Gallery in Hull (tot 19 juli; daarna andere locaties in Groot-Brittannië).
 28 oktober – 3 novemberReis naar Brussel.
 28 oktoberOpening duo-tentoonstelling met Madge Gill bij Art en Marge in Brussel.
198823 februariOverlijden Agnes Bijmans-van Genk (67).
 29 aprilOpening groepstentoonstelling Outsiders bij Galerie Suzanne Zander in Keulen (tot 1 juni).
 Reis naar Barcelona.
 augustus – septemberReis naar Moskou.
 decemberOpening groepstentoonstelling Naïeve kunst bij Galerie Kadans in Den Haag.
19894 maartOpening groepstentoonstelling museum in zicht bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 8 april).
 8 juliOpening groepstentoonstelling Het speelse element bij Kunsthuis 13 in Velp (tot 3 september).
 25 novemberOpening groepstentoonstelling 20 jaar galerie hamer – deel II: “art brut” of “outsider art” bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 31 december).
 15 decemberOpening groepstentoonstelling Vijf x vijf bij Het kasteel van Rhoon in Rhoon (tot 28 januari 1990).
199021 septemberOpening tentoonstelling Willem van Genk bij Musée de l’Art Brut L’Aracine in Neuilly-sur-Marne (tot 16 december).
 20 decemberOpening duo-tentoonstelling met Gorki Bollar bij Informatie Centrum voor Naïeve Kunst in Rotterdam (tot 25 februari 1991).
199129 februariOpening duo-tentoonstelling met Gorki Bollar bij Museum voor Naïeve Kunst in Zagreb (tot 25 mei).
  Groepstentoonstelling Selection from the Collection bij Alpha Cubic International in Tokyo.
 5 septemberOpening groepstentoonstelling Passages dl. 3 bij Art en Marge in Brussel (tot 26 oktober).
 5 oktoberOpening tentoonstelling Willem van Genk bij Galerie d’Art Modeste in Parijs (tot 13 november).
 26 oktoberOpening groepstentoonstelling outsider art bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 30 november).
199214 maartOpening groepstentoonstelling Visies en visioenen. Naïeve kunst en outsider art bij Slot Zeist in Zeist (tot 3 mei).
 27 juniOpening groepstentoonstelling Naïeve en outsiderkunst bij Kunstgalerij in Lochem (tot 15 augustus).
 novemberReis naar Lissabon.
1993 Reis via Warschau, Moskou en Leningrad naar Helsinki, Stockholm en Göteborg.
 30 oktoberOpening groepstentoonstelling outsiders bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 28 november).
1994 Insita 4 in Bratislava.
1995septemberReis naar Noorwegen en Zweden.
 najaarGroepstentoonstelling outsiders bij Galerie Hamer in Amsterdam.
 26 novemberOverlijden Riet Roozenburg-van Genk (76).
19964 januariOpgenomen in psychiatrische kliniek Bloemendaal (drie maanden).
 24 oktoberOpgenomen in psychiatrische kliniek Bloemendaal (drie maanden).
 30 novemberOpening duo-tentoonstelling twintig jaar samenwerking met Gorki Bollar bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 19 januari 1997).
 16 novemberBegin curatele.
199710 februariOpgenomen in psychiatrische kliniek Bloemendaal (drie weken).
 14 aprilZiekenhuisopname vanwege beroerte (vijf weken).
 26 meiZiekenhuisopname vanwege uitdroging (vier dagen).
 19 juniOpening Insita 5 in Bratislava (tot 10 augustus) – Grand Prix.
 11 septemberReis naar Stockholm.
 ca. 15 septemberZiekenhuisopname vanwege beroerte.
 14 novemberOpening groepstentoonstelling Art Brut, collection de l’Aracine bij Château de Villeneuve in Vence (tot 28 februari 1998).
 6 decemberOpening tentoonstelling willem van genk bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 4 januari 1998) + presentatie Koning der Stations (Dick Walda).
1998juniDeelname Galerie Hamer aan Kunstrai in Amsterdam.
 zomerVerhuizing naar particulier verzorgingstehuis Huize Walcott (Thomsonplein 8, Den Haag).
 10 oktoberOpening tentoonstelling Willem van Genk: een getekende wereld bij museum De Stadshof in Zwolle (tot 4 maart 1999).
  Publicatie Willem van Genk. Een getekende wereld (Ans van Berkum e.a.).
199917 maartOpening tentoonstelling Willem van Genk. Een getekende wereld bij museum Charlotte Zander in Bönnigheim (tot 23 mei).
 2 juniOpening tentoonstelling Willem van Genk. Een getekende wereld bij Collection de l‘Art Brut in Lausanne (tot 19 september).
 augustusAn Remmerswaal neemt curatorschap over.
 6 novemberOpening tentoonstelling De wereld van Willem van Genk bij Artotheek Den Haag.
 26 novemberOpening groepstentoonstelling Gestoorde vorsten bij Museum Dr. Guislain in Gent (tot 31 mei 2000).
2000 Verhuizing naar particuliere verzorgingstehuis Roël (Van Aerssenstraat 8, Den Haag).
  Solo-presentatie door Collection de l’Art Brut bij Giza Art Space van Shiseido in Tokyo.
 19 meiOpening groepstentoonstelling Transport bij Galerie Atelier Herenplaats in Rotterdam (tot 16 juli).
 13 juliOprichting Stichting Willem van Genk.
 novemberSolo-presentatie tijdens Insita 6 in Bratislava.
200131 oktoberUitzending documentaire Ver van huis (Dick Walda en Jan Keja).
200228 septemberOpening duo-tentoonstelling willem van genk (1927) & siebe wiemer glastra (1910-1973) bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 2 november).
 11 decemberVerhuizing naar medisch verzorgingstehuis Duinhage (De Savornin Lohmanlaan 202, Den Haag).
200512 meiOverlijden.
 18 meiBegrafenis.
  Tentoonstelling De wereld volgens Willem van Genk bij museum Het Dolhuys in Haarlem.
20064 meiOpening groepstentoonstelling Oltre la ragione bij Palazzo della Ragione in Bergamo (tot 2 juli).
200710 januariOpening groepstentoonstelling Beautés Insensées [= Oltre la ragione] bij Salle d’exposition du Quai Antoine 1er in Monaco (tot 25 februari).
 23 maartOpening groepstentoonstelling Under Control bij Werkplaats voor Beeldende Kunsten in Den Haag (tot 20 april).
 9 meiOverlijden Tiny van den Heuvel-van Genk (93).
200831 meiOpening groepstentoonstelling Heterotopia bij Deutsches Architekturmusem (DAM) in Frankfurt (tot 24 augustus).
201010 aprilOpening groepstentoonstelling hamer highlights bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 29 mei).
 15 meiOverlijden Jacqueline van Genk (91).
 25 septemberOpening groepstentoonstelling Habiter Poétiquement le Monde bij LaM in Lille (tot 10 januari 2011).
  Publicatie Willem van Genk bouwt zijn universum (Patrick Allegaert e.a.).
 19 novemberOpening tentoonstelling Willem van Genk bouwt zijn universum bij Casla in Almere (tot 26 februari 2011).
201422 maartOpening tentoonstelling willem van genk, een “museale” tentoonstelling bij Galerie Hamer in Amsterdam (tot 3 mei).
  Publicatie Willem van Genk. Kroniek van een samenwerking (Nico van der Endt).
 10 septemberOpening tentoonstelling Willem van Genk: Mind Traffic bij Museum of American Folk Art in New York (tot 30 november).
20159 juniOpening groepstentoonstelling Essenties 1 bij museum Het Dolhuys in Haarlem (tot 13 september).
 13 juniOpening groepstentoonstelling Outsider art. Creativiteit buiten de kaders bij Gemeentemuseum in Den Haag (tot 4 oktober).
20165 maartOpening groepstentoonstelling Museum of Everything in museum Kunsthal in Rotterdam (tot 22 mei).
  Opening Willem van Genk-kamer bij museum Het Dolhuys in Haarlem.
2019meiPublicatie tweede, herziene druk Koning der Stations (Dick Walda).
 19 septemberOpening tentoonstelling Woest bij Outsider Art Museum in Amsterdam (tot 3 januari 2021).
  Publicatie Willem van Genk – Woest (Hans Looijen e.a.).
20215 maartOpening tentoonstelling Megalopolis bij La Collection de l’Art Brut in Lausanne (tot 27 juni).

Vroeg

Het Oosteinde in Voorburg rond 1930. Op de voorgrond ziekenhuis Antoniushove, daarnaast de Martinuskerk

De vier adressen van het gezin Van Genk in Den Haag tussen 1915 en 1925 waren Westeinde 257, Malakkastraat 6, Columbusstraat 106 en Renbaanstraat 7 – waarbij dat laatste adres feitelijk in Scheveningen lag. Uit advertenties blijkt dat zich op elk van deze adressen in deze periode een winkel bevond, korte tijd eerder of later. Ook Jozef van Genk zal voor zijn zaak hebben geadverteerd, maar tot op heden is niet duidelijk in welke krant dat was. In Columbusstraat 106, waar zijn winkel van januari 1922 tot maart 1923 was gevestigd, werd hij opgevolgd door poelier H. Siesage. [1] In juni 1925 verhuisde het gezin Van Genk naar Voorburg.

Een geboorteakte van Willem van Genk is niet te vinden. Wel geeft zuster Tiny in een interview uit 1998 een enigszins verdekte aanwijzing over zijn geboorte, als ze spreekt over het karakter van haar moeder:

Mijn moeder was een … ja, die wist wat ze wilde, wat ze … stond in het midden van het leven, en eh … en ’t was geen twijfelaar of wat dan ook, helemaal niet, het eh … was een hele, vrouw met een … op het kritieke moment wist ze wat ze doen moest, want d’r is heel wat gebeurd bij ons hoor. Maar zij wist … anders waren er verschillende eigenlijk eh, ongelukkig geworden. We hadden wel eens een brand, en eh … en ze wist meteen alles te blussen en eh … en met Willem ook, meteen een zuurstofapparaat, “Maar zuster, is er dan hier geen zuurstofapparaat?” Hadden ze niet eens aan gedacht in, in dat ziekenhuis, dat was in Antoniushove, in Voorburg. Ja ik haal ’t misschien een beetje door elkaar, maar … [2]

Ziekenhuis Sint Antoniushove aan het Oosteinde in Voorburg, opgericht in 1913, was aanvankelijk een ouderenpension waar al snel ook zieken en noodlijdenden van alle gezindten (maar toch vooral katholieken) welkom waren. De verpleging en verzorging was voor een belangrijk deel in handen van zusters Augustinessen. Naast het ziekenhuis lag de imposante, neogotische Martinuskerk.

Waarschijnlijk was dat niet de kerk waar het gezin Van Genk op zondag heen ging: de Martinus lag op ruim en half uur lopen van het adres waar Jozef en Maria van Genk vanaf 1927 woonden, Van de Wateringelaan 25. Op iets meer dan tien minuten lopen van hun woning lag de Haage Liduinakerk aan de Schenkweg, waardoor het waarschijnlijker was dat ze tot die parochie behoorden. [3] Een woordvoerster van het parochiesecretariaat Maria Sterre der Zee bevestigde dit: “Het klopt dat destijds een gedeelte van Voorburg hoorde bij de Liduinaparochie. Het betreft het gedeelte vanaf de spoorlijn.” [4]

Na de sloop van de Liduinakerk in 1977 fuseerde de Liduinaparochie met de Marlotkerk tot de Driekoningengemeenschap. Koster Wim Kuipers van de Driekoningengemeenschap vond in een doopboek van de Liduinakerk inderdaad een aantekening over de doop van Willem van Genk – zij het niet in de eigen kerk:

Die 2 Aprilis 1927 in ecclesia
S. Martini in Voorburg baptizatus
est Wilhelmus Franciscus Antonius
Maria van Genk.
Pater: Joseph Joës Maria v. Genk
Mater: Maria Martina Hoogstraten
(v. Wateringestraat 25)

Willem van Genk was dus gedoopt in de Martinuskerk, op de dag van zijn geboorte. In eerste instantie leek het er daarmee op dat het gezin Van Genk behoorde tot de parochie van St Martinus, maar de vraag was wel waarom er dan een aantekening in een doopboek van de Liduinaparochie stond. Wim Kuipers gaf daarvoor na enig nadenken een plausibele verklaring:

Het is eigenlijk wel duidelijk dat de familie destijds tot de Liduinaparochie behoorde. Waarschijnlijk is Willem van Genk in het ziekenhuis Antoniushove geboren. Het ziekenhuis was in die tijd gevestigd naast de Martinuskerk. De traditie was, dat kinderen gelijk na hun geboorte of daags erna gedoopt werden. Uit praktische redenen is het aannemelijk dit in de Martinuskerk heeft plaatsgevonden. Vandaar de latere aantekening in het doopboek van de Liduinakerk. [5]

Dit sloot bovendien aan op de eerder geciteerde opmerking van Tiny van Genk over haar moeder in Antoniushove, waarschijnlijk had zij het over de geboorte van haar broer (“en met Willem ook”).

Jeugdtekening Willem van Genk (particuliere collectie)

Bij de spullen van haar oude tantes trof een nicht van Willem van Genk, de oudste dochter van zijn zuster Nora, enkele jaren geleden een jeugdtekening van de kunstenaar aan. Het ging om een potloodtekening van een verkeersknooppunt bij een station met enkele panden – termen als ‘straattafereel’ of ‘straatscène’ zijn feitelijk niet van toepassing, omdat er vrijwel geen personen of vervoersmiddelen te zien zijn. Blijkens het onderschrift betreft het STATION ROOSENDAAL en de STEENBERGSCH STRAATWEG – de letter S is steeds gespiegeld geschreven. Er is geen ondertekening of datering maar de overeenkomsten met later werk van Van Genk zijn opmerkelijk.

Er zijn vier wegen die bij elkaar komen bij een constructie met het opschrift ROOSENDAALSCH STATION (zonder gespiegelde S’en). Tussen de twee wegen op de voorgrond is een steenstrook getekend met links een rond verkeersbord met een P, met daaronder de tekst STATION VIADUCT A. Rechts daarvan staat een ander bord, met de tekst Naar Bergen OZ STOOMtram TRAMhalte. Op de steenstrook tussen de twee voorste wegen liggen tramrails die eindigen bij een stootblok. Op de vier wegen zijn pijlen getekend die alle in de richting van het station wijzen, met voor het station een tros van acht pijlen die juist de andere kant uit wijzen.

Aan de linkerkant van de tekening is een deel van een gevelrij te zien met de aanduiding steenbergsch str weg, daaronder een onleesbare tekst en mogelijk een huisnummer 3. Aan de rechterkant is op de straathoek een bioscoop getekend met de naam METROPOLE, waar een  FILM kennelijk 22 cts kost. In de deuropening staat de enige menselijke figuur op de tekening, een portier met een pet. Onder de dakrand staat in grote letters COBES CATENBURG. Het station, waar alle wegen naartoe leiden, kan worden betreden via een verhoging onder een stenen boog waar zeven deuren zijn, die vermoedelijk naar de stationshal leiden. De spoorbaan ligt erboven, de getekende rookkringels wijzen misschien op een trein die net voorbij is gereden.

Vader Jozef van Genk, afkomstig uit Bergen op Zoom, had in Roosendaal tussen 1913 en 1915 zijn winkel op het adres Brugstraat 62, een straat die uitkwam bij het station. Hier werden ook zijn twee oudste dochters geboren. Tussen 1908 en 1911 woonde hij  bovendien in Steenbergen. Verschillende plaatsnamen op de jeugdtekening hebben daarmee een biografische achtergrond, die met name te maken heeft met de familie van vaderszijde in westelijk Noord-Brabant. Anderzijds lijken de details niet te kloppen: er is of was geen Steenbers(ch)e straat(weg) in Roosendaal, [6] al helemaal niet bij het station in die plaats dat er bovendien heel anders uitzag dan op de tekening.

Van Genk leek uit te zijn gegaan van bestaande elementen en vervolgens zijn fantasie de vrije loop te hebben gelaten. Desgevraagd werd dit bevestigd door de Heemkundekring Roosendaal:

Wij hebben uw vraag m.b.t. de jeugdtekening van Willem van Genk voorgelegd aan diverse leden van onze Heemkundekring. Zij komen allen tot de conclusie: de geschetste situatie was niet Roosendaal, noch in Bergen op Zoom of in Zevenbergen. De jonge Willem heeft in zijn fantasie Roosendaal een fantastisch station toegedacht. [7]

De bioscoop op de tekening past in deze constructie: in Den Haag was in 1936 de zeer luxe bioscoop Metropole Palace geopend, gelegen aan de Carnegielaan – niet ver van de Laan Copes van Cattenburch. Die laatste was genoemd naar de Haage burgemeester Lodewijk Constantijn Rabo Copes van Cattenburch (1771-1841), die derhalve in Roosendaal niet van belang was.

Al met al zijn er duidelijke aanknopingspunten tussen de jeugdtekening en het latere werk van Willem van Genk: de stadssetting, het motief van openbaar vervoer, de opschriften, zelfs de relatieve symmetrie en het nadrukkelijke perspectief. Anderzijds kan men ook stellen dat deze zaken niet persé ongewoon zijn voor een kindertekening en dat het juist interessant is dat Van Genk er in zijn later werk aan is blijven vasthouden. De situatie met het fictieve station doet denken aan Schwebebahn Wuppertal (zie hier), meer in het algemeen is de tekening een geheel eigen pick & mix van bestaande elementen. Zo heeft er nooit een stoomtram gereden tussen Roosendaal en Bergen op Zoom – dat was ook niet nodig, aangezien er al sinds 1863 een treinverbinding tussen beide steden bestond.

Links: detail jeugdtekening Willem van Genk. Rechts: detail litho WVG-0131d

Als laatste wil ik wijzen op enkele intrigerende overeenkomsten tussen de jeugdtekening en enkele litho’s die Van Genk in 1995 maakte (zie hier), een kleine zestig jaar later. Ook daar een station met rookkringels van een trein, maar vooral: ook daar een man met een uniformpet met een prominente klep, en profil gezien. Wat ontbreekt op de jeugdtekening is de webstructuur, nadrukkelijk aanwezig op diezelfde litho’s en ook op veel ander werk, zeker waar het om stations gaat. De vraag of men daar conclusies uit moet of kan trekken (en zo ja: welke), laat ik graag aan anderen.


NOTEN

[1] Zie bijvoorbeeld een advertentie in de Haagsche Courant van 22 april 1924.

[2] Interview met Tiny van Genk door Ans van Berkum en Carolien Satink (opname in mijn bezit).

[3] De kloosternaam ‘Lidwina’ die Leny van Genk later zou aannemen, zou ook op een verband met de Liduinaparochie kunnen wijzen.

[4] E-mail van Monique Meeussen aan Jack van der Weide, 2 juli 2021.

[5] E-mail van Wim Kuipers aan Jack van der Weide, 8 juli 2021.

[6] In Bergen op Zoom, waar Willem van Genk na het overlijden van zijn moeder in 1932 enige tijd woonde, is wél een Steenbergse straat.

[7] E-mail van Cees Talboom aan Jack van der Weide, 23 juni 2021.

Bibeb (2)

Dit is het tweede deel van een tekst over journaliste Bibeb en Willem van Genk. Het eerste deel is hier te vinden.

Het Vrije Volk, 6 november 1967: Willem van Genk ontvangt uit handen van George Lampe de eerste prijs in de schilder- en tekenwedstrijd van Co-op Nederland

In 1964 stonden Nederlandse schrijvers, kunstenaars, politici en wat dies meer zij in de rij om door Bibeb te worden geïnterviewd. Willem van Genk behoorde zeker niet tot die groep, zijn naam is bijna een dissonant tussen die van Joris Ivens, Simon Vinkenoog, Maup Caransa, Jan Cremer en anderen die dat jaar met de journaliste in gesprek gingen; de vraag is dan ook waarom hij werd uitverkoren. Volgens Bibebs zoon Wouter Schaper was er gezien bepaalde details in de gepubliceerde tekst overduidelijk sprake van een zeer bewuste keuze van haar kant, om stelling te nemen in de controverse rond Van Genk. Een teken van haar grote betrokkenheid was ook dat ze de krant met haar artikel over Van Genk bewaarde, iets wat ze maar zeer zelden deed. [1]

Schaper wist zeker dat er rond 1960 bij hen thuis werd gesproken over zeer gedetailleerd getekende stadsgezichten waar George Lampe en Bibeb van onder de indruk waren; “ik weet van geen ander dan Van Genk die dergelijke tekeningen destijds maakte.” Daarbij waren Joop Beljon en Lampe redelijk goed bevriend, “ze stonden op één lijn denk ik, en het zou best kunnen dat in dat kader George meneer Van Genk een keer heeft gezien.” En waar Beljon niet te spreken was over de minachtende houding van Speijer, nota bene de psychiater van Van Genk, zullen Lampe en Bibeb dit met hem eens zijn geweest. Bibeb toonde daarmee in het interview haar boosheid: “Ik denk dat ze gewoon heeft gezegd: meneer Speijer, dit is heel verkeerd wat u doet.”

De kritiek op Speijer werd vrij subtiel verpakt. In een kadertekst bij het artikel in Vrij Nederland leidt Bibeb de persoon Wim/Willem van Genk in, en vertelt ze over zijn werk en over zijn schrijnende leef- en werkomstandigheden. Ze eindigt met de zinnen: “Ondertussen is Van Genks positie in de werkplaats door al die publiciteit (de T.V. o.a.) nog kwetsbaarder geworden. Zeker ook door de helaas te brallend uitgevallen brochures van de heer Beljon. Van Genk moet daar zo gauw mogelijk vandaan.” [2] Schaper: “Dat moet je lezen als een dodelijke opmerking richting Speijer. De verstaander in Den Haag weet genoeg.” In het artikel zelf haalt Bibeb Beljons tekst uit de Hilversumse catalogus aan, specifiek diens zin “Een psychiater hield tegenover mij staande, dat de geestelijke inhoud van Willem van Genk gelijk staat met nul komma nul…” Uiteraard is die psychiater Speijer, die elders in het stuk bij naam wordt genoemd – als “Spijer”, en steeds in een negatieve context.

In het hele artikel valt de naam van Plokker niet één keer. Toch was deze het, mogelijk mede vanwege het eerder besproken artikel in De Tijd, die Van Genk het meeste angst inboezemde. Op 1 april 1964, toen het interview al was afgenomen maar nog niet was verschenen, stuurde Van Genk een ietwat paniekerige briefkaart aan “mevr. Lampe”:

Hiermede laat ik U weten om de grootste voorzichtigheid te betrachten in verband van het gesprek met een zekere doktor Plokker uit Leidschendam (oh misschien ben ik wel wat onduidelijk doch ik ben W. van Genk) en doktor Plokker heeft tenslotte wel met inrichtingen te maken dus vertel U niets over mijn verdiensten Geachte lezer U heeft die persoon natuurlijk nodig, doch behandel U hem goed en juist, verder nu al reeds bedankt voor het mooie artikel in de krant [3]

Acht jaar later blijken Bibeb en Van Genk opnieuw contact te hebben. In haar nalatenschap bevindt zich een brief van Van Genk van 7 juni 1972. De kunstenaar was, zo valt op te maken uit het wat warrige betoog, kort daarvóór onverwacht bij haar in Scheveningen langsgekomen. Hij trof haar wel thuis maar ze was bezig met het opruimen of ordenen van boeken. Er werd een nieuwe afspraak gemaakt, voor maandag 5 juni, maar toen was het Van Genk niet gelukt om op het afgesproken tijdstip naar Scheveningen te komen: “En ik zou maandag om 2 uur bij U komen, maar ik was in werkelijkheid bezet, door het betalen van een vacansiereis naar de U.S.S.R. en ik moest dat bedrag nog bij de bank halen (die ’s middags al vroeg gesloten is)”. [4] Vandaar zijn briefje. 

Tussen deze feitelijkheden door prijst Van Genk Bibebs omgang met hem (“U heeft mij beleeft ontvangen, ook voor zoo ver ik uw ken, U bent een mens die altijd optimistisch door het leven gaat”), refereert hij aan het interview uit 1964 (“we halen geen oude koeien uit de sloot wat dat boek van uw betreft V.I.P. …. (misschien had u achteraf wel gelijk)”) en spreekt hij over zijn opvattingen over kunst en over zijn eigen werk. Dat laatste onderwerp vermengt zich in zijn betoog zich met zijn mening over de afbraak van monumenten, die ook terugkeert in zijn werk:

Ik til niet zo hoog aan “kunst” mits men de sloping in de nederlandse steden ziet – Neen beste lezer ik zal heus geen lid worden van openbaar Kunstbezit (de Rotterdamse Koninginne Kerk affaîre ligt nog vers in het verleden) En er blijft geen bouwwerk van Cuijpers overeind in Amsterdam. Neen geachte Lezer, ik zie alleen Machtspaddestoelen [5]

De associatie van Bibeb met George Lampe, samen met de hierboven genoemde vakantie naar de USSR, zorgt voor een uitweiding die doet denken aan Van Genks twijfel over reisbestemmingen in het interview uit 1964:

en wat die reis naar de U.S.A. betreft dit is beslist een platte leugen Die heb ik nog nooit gemaakt omdat hij niet georganiseerd was …. want in werkelijkheid kost een 2persoons nest in een «Industry-hotel» (één weekje logies zonder iets erbij in New.York (city) een zevenduizend gulden …. terwijl voor 700 gulden geheel verzorgde charterreizen naar Moskou en Leningrad bestaan!

De reis naar de Verenigde Staten had Van Genk in 1967 gewonnen als eerste prijs bij een schilder- en tekenwedstrijd van Co-op Nederland. Eerder was hij in diezelfde wedstrijd uitgeroepen tot beste zondagsschilder van Zuid-Holland, waarbij hij de prijs kreeg uitgereikt door George Lampe. [6] In de kantlijn van zijn brief tekent Van Genk bij de passage over de Amerikareis een logo van Co-op.

Detail Kollage van de haat (1971)

In 1972 maakte Van Genk een persoonlijke crisis door. In februari was zijn zuster Addy gestorven, in september zou ook zijn zuster Willy overlijden. Haar broer woonde sinds 1964 bij haar, ten tijde van zijn bezoek aan Bibeb in Scheveningen moet zij al zwaar ziek zijn geweest. Het is in deze periode dat hij zijn ‘woedende’ drieluiken schilderde, met daarop veel referenties aan geweld, dood en kanker. Op Kollage van de haat (1971) staat op het linkerdeel ook een verwijzing naar het interview uit 1964. Een stervende of zwaar zieke persoon ligt in bed, omgeven door een groot aantal graffiti-achtige teksten, enkele boeken en een krant met daarop WIM VAN GENT LITERATUR BIBEB: “IK BEN …. EEN .. STUK .. GRIJS …. PAKPAPIER” …… V.N. 4 APRIL ’64. [7] Op het rechterdeel van het drieluik is een boek afgebeeld van de psychiater E.A.D.E Carp, Toekomstige psychiatrie. Van Plokker of Speijer geen spoor, al was die laatste wel ooit een van de assistenten van Carp. [8]

In 1973 schildert Van Genk Microcollage ’73 | Studiereis van Beatrix en Claus, waar Plokker wél prominent aanwezig is. Dat werk toont onder meer een man met een bril met een donker montuur, die zich met een revolver door het hoofd schiet. Op een tekststrook die over de afbeelding is aangebracht, staat J.H. Plokker, Artistic Self-Expression in Mental Disease: Mouton Skilton ’62 – de Engelse titel van het beroemde boek van Plokker, met de uitgever en het jaar van uitgave. [9] Interessant is ook de brief die de zelfmoordenaar kennelijk net heeft geschreven en die voor een deel leesbaar is: Afscheidsbrief ’72 Geachte lezer Ik maak een eind aan mijn leven, ik kan het leven niet meer aan …. Excuus mijn daad Geachte lezer …. Plokke. Alles – het portret, de formulering ‘Geachte lezer’, andere teksten op het werk – wijst op een zelfportret-als-zelfmoordenaar, waarbij Plokkers boek nadrukkelijk een rol speelt.

Detail Microcollage ’73 | Studiereis van Beatrix en Claus (1973)

“Het is duidelijk dat Plokker Van Genk uit zijn evenwicht bracht”, stelt Ans van Berkum naar aanleiding van dit werk, en daar valt weinig tegenin te brengen. [10] Met haar daaropvolgende conclusies ben ik het echter pertinent níet eens: “Wat ook vaststaat is dat het werk van Van Genk in de ogen van Plokker geen genade zou hebben gevonden. […] Van Genk is het bewijs van Plokkers ongelijk.” [11] Als gezegd behoorde Van Genk beslist niet tot de groep patiënten waar Plokker over schrijft en had deze ook eigenlijk geen mening over het werk. Het was Speijer die Van Genk op één hoop veegde met de veel ernstiger verstoorde personen die het object van Plokkers onderzoek vormden. Het was Speijer die, uitermate tendentieus, Plokker aanhaalde om zijn eigen punt te maken – een punt dat erop neer kwam dat hij het werk waardeloos achtte, vermengd met zijn mening over de persoon van de maker en mogelijk ook met zijn belangen bij het behouden van een goedkope werkkracht. Het was deze houding waartegen Bibeb stelling nam, door Van Genk te interviewen en in haar tekst haar mening door te laten schemeren.

Het kwaad was echter al geschied, voor Van Genk was Plokker een autoriteit geworden die hem op zijn positie binnen de wereld van de beeldende kunst wees. The pictorial art of the mentally ill has been attracting the attention of psychiatrist and psychologist for some decades, schreef hij op een aantal werken [12] – de eerste zin uit de inleiding bij (de Engelse versie van) Plokkers boek. Tegen Bibeb in 1964: “Dokter Spijer heeft gezegd, nou moet je niet denken dat je guldens gaat verdienen met de kunst. Dat schrijven in de kranten houdt vanzelf op.” [13] Voor Speijer stelde Van Genk niets voor, stelde diens werk niets voor en was Plokker de autoriteit waarop hij zich dacht te kunnen beroepen.

In een beschouwing uit 1963 wijst George Lampe onbewust op een belangrijk verschil tussen Plokkers patiëntenpopulatie en Van Genk. Hij citeert Plokker zelf, waar die opmerkt dat de door hem geobserveerde schizofrenen op geen enkele manier hechten aan het werk dat zij maken. Bij Van Genk was juist het omgekeerde het geval, hij kon nauwelijks afstand doen van zijn werk. Het was Lampe met name te doen om het verschil te formuleren tussen moderne kunst en de beeldende uitingen van schizofrenen, “tussen de kunstenaar en de schizofrene niet-kunstenaar. Over aan schizofrenie lijdende kunstenaars gaat het wat mijn beschouwing betreft, niet.” [14] Dat laatste is jammer, want dat was nou net de categorie waar Willem van Genk misschien in had kunnen vallen.


NOTEN

[1] Met Wouter Schaper wisselde ik tussen 20 en 30 juni 2021 een aantal e-mails. Op 26 juni had ik telefonisch een uitgebreid gesprek met hem.

[2] In de boekversie is dit einde vervangen door: “Van Genk heeft na deze publicatie de kans gekregen voor zichzelf te werken.” (Bibeb, ‘Ik ben een stuk grijs pakpapier’, p. 111) Wouter Schaper: “Haar kennende weet ik dat ze dit niet heeft bedoeld als een zuiver informatieve tekst!”

[3] Archief Wouter Schaper.

[4] Idem.

[5] Vgl. met name Zelfportret – zwakzinnigennazorg (ca. 1978).

[6] Zie hier.

[7] Achter de datum staat de afkorting L.R.P., waarvan de betekenis mij niet bekend is.

[8] Zie hier. Van Genk refereert ook aan het interview met Bibeb op het middendeel van Collage 2000 Beljon Inc. (1971).

[9] De Engelse vertaling verscheen pas in 1964.

[10] Van Berkum, ‘Een vogel boven de stad’, p. 49.

[11] Ibid., p. 52.

[12] In ieder geval op Zelfportret in De Ark (ca. 1974) en De grote naïeven (ca. 1975). Ook de tweede zin van Plokkers inleiding wordt op deze twee werken nog voor een deel geciteerd.

[13] Bibeb, ‘Ik ben een stuk grijs pakpapier’, p. 114.

[14] George Lampe, ‘De schizofreen is nooit kunstenaar’, in: Vrij Nederland, 16 maart 1963.

Bibeb

Bibeb & VIP’s (1965), met o.a. het interview met Willem/Wim van Genk

Tussen 1947 en 1964 was Willem van Genk tewerkgesteld in een werkplaats voor ‘onvolwaardigen’ in Den Haag. Beide jaartallen zijn afkomstig uit het interview dat journaliste Bibeb (pseudoniem van Elisabeth Maria Lampe-Soutberg, 1914-2010) met hem hield naar aanleiding van zijn eerste solotentoonstelling in 1964. Het beginjaar komt expliciet ter sprake: “Waarop ik wil weten hoelang hij al in die werkplaats voor onvolwaardigen zit. Van Genk: ‘Van ‘47’”. Uit de inleiding bij het interview kan het eindjaar worden afgeleid: “Het jaar dat dit interview werd geschreven werd hem het werk en z’n salarisje waarvan hij kon sparen voor z’n reizen afgenomen.” [1]

Van Genk werkte daarmee achttien jaar op de AVO-werkplaats, een periode waarover opmerkelijk weinig gegevens te vinden zijn. Het interview met Bibeb is met afstand de belangrijkste bron en zelfs daar is de informatie schaars. De journaliste laat in haar artikel ook Van Genks jongste zuster Willy aan het woord, bij wie hij elke avond op bezoek gaat om rustig te kunnen tekenen:

ZUSTER: ‘Meneer Beljon kan wel zeggen dat hij een kunstenaar is, en ik geloof ’t ook wel, maar de meeste mensen zijn geen kunstenaar. Als hij de kost kon verdienen, kunnen we hem weghalen. Wie wil hem nu onderhouden? De geneeskundige dienst heeft hem zelf weggehaald. Ze hadden hem een goed kosthuis beloofd. ’t Is toch waar, je zat de hele dag te tekenen, dat vinden ze een soort afwijking.’ [2]

Eerder heeft een andere zuster, Addy, al iets meer details gegeven:

Terwijl z’n zuster vertelt dat hij op de ambachtsschool is geweest en veel baantjes heeft gehad, allemaal voor een blauwe maandag. De laatste bij een schoenmaker en toen bleef hij met de bakfiets zolang bij ’t station, stond-ie maar naar de treinen te kijken. Op een gegeven dag had ie geen werk, toen zijn ze hem komen halen. Ja, wie moest voor hem zorgen? ‘Toen ik nog thuis was, at hij met de pot mee. Toen we allemaal getrouwd waren, toen ik trouwplannen had…’ [3]

De suggestie is dat de laatste zin moet worden aangevuld met ‘toen kon dat niet meer’. Van Genk woonde bij zijn zusters – hij had er negen – die één voor één hun eigen leven gingen leiden.

In de jaren negentig bevestigt Van Genks zuster Tiny het verhaal over de baantjes die haar broer na de oorlog had, “Allemaal blauwe-maandag-baantjes. Het duurde overal maar heel kort en dan begonnen de moeilijkheden.” Volgens Tiny was hij eerst jongste bediende op een reclamebureau op de Mauritskade, waarna een aanstelling volgde als kantoorbediende bij een grossierderij in medicijnen aan de Oude Scheveningseweg. Zijn laatste baas was een schoenmaker in de Van Musschenbroekstraat. [4] Het gezin Van Genk, bestaande uit vader Jozef van Genk, een aantal van zijn dochters plus hun onaangepaste broer, woonde in die tijd op het adres Magnoliastraat 10.

Tussen 1947 en 1964 verdwijnt Willem van Genk vrijwel volledig van de radar. [5] We weten dat zijn vader voor de derde keer trouwde in 1952, weer weduwnaar werd in 1954 en overleed in oktober 1958. Kort daarna meldde zijn zoon zich bij de Academie voor Beeldende Kunsten van Joop Beljon en verscheen er een stuk over hem in de Haagsche Courant. [6] Het duurde tot 1964 alvorens de kunstenaar opnieuw opdook, toen hij in Hilversum zijn eerste solo-expositie kreeg – dankzij Beljon, die intussen het een en ander te stellen had met Van Genks psychiater Nico Speijer, die tevens hoofd was van de AVO-werkplaatsen. Beljon vroeg Speijer of Van Genk door de week een middag vrij kon krijgen om naar de academie te komen maar Speijer weigerde dit pertinent: “U bemoeit zich met zaken waar u niets mee te maken heeft. Zal ik u eens zeggen wat de geestelijke inhoud is van die van Genk? Nul, nul.” [7]

Begin 1964 was er dus ineens aandacht voor Van Genk, ook omdat het in Hilversum ging om een tentoonstelling van een kunstenaar met een ongewone mentale gesteldheid. Onder meer verscheen er op 8 februari een artikel in het dagblad De Tijd, met als kop ‘Van Genks panorama’s. Geniaal of vreemd?’ Een auteur ontbreekt, het artikel is afkomstig “Van onze Haagse redactie”. Uitgangspunt is, zoals al aangekondigd in de kop, “de vraag of hij een nieuw ontdekt, geniaal kunstschilder is of een simpele man met beperkte verstandelijke vermogens, van wie niet ontkend kan worden dat hij met enige vaardigheid de tekenpen hanteert.” Volgens de inleiding bij het artikel is de controverse over Van Genk “nog maar in beperkte kring in Den Haag opgevlamd”, maar met de tentoonstelling in Hilversum zou dat wel eens breder kunnen worden.

Wie hem uiteraard geniaal vond was academiedirecteur Joop Beljon, die volgens het artikel met de tentoonstelling hoopte te bereiken dat zijn protegé meer en betere faciliteiten tot zijn beschikking kreeg. Maar ook de andere partij in de controverse kwam aan het woord:

Wie bepaald geen geniaal schilder ziet in Willem van Genk is dr. N. Speijer, als psychiater verbonden aan de werkplaats waar Van Genk de hele dag is ondergebracht. […] ‘Het zijn aardige tekeningen, maar ik en anderen, die deskundiger zijn op dat terrein, zien er bepaald geen talent in. Het zijn steriele, verstolde werken, die een oncreatief beeld geven. […] Ik kan u verwijzen naar het boek dat dr. Plokker erover heeft geschreven: “Geschonden beeld.”’

In het genoemde boek, het proefschrift van de psychiater J.H. Plokker, beschouwde deze het beeldende werk van schizofrenen dat volgens hem niet individueel bepaald, sterk naar binnen gericht en primitief van vorm zou zijn. Kunst was het op geen enkele manier. Plokkers ideeën waren zeer invloedrijk en zijn boek werd vertaald in het Frans, Duits en Engels. [8] In het artikel in De Tijd kwam hij, via Beljon, even aan het woord: “Ook dr. Plokker heeft eens werk van Van Genk gezien en voorzichtig opgemerkt, […] dat de zorg voor het detail waarmee de schilder tekent een aanduiding kan zijn van sociale onaangepastheid.”

Willem van Genk verlaat de AVO-werkplaats

In een telefoongesprek met Wouter Schaper, de zoon van Bibeb die haar nalatenschap beheert, wees hij me erop dat Plokkers reactie overduidelijk diplomatiek geformuleerd was. Daarbij ging het bovendien over de kunstenaar en niet over het werk, laat staan dat het een kwaliteitsoordeel bevatte. Plokker was in die tijd geneesheer-directeur van het psychiatrisch ziekenhuis ‘Hulp en Heil’ in Leidschendam, waar hij als een van de eersten in Nederland een atelier voor creatieve therapie had laten inrichten. De doelgroep uit zijn boek bestond uit opgenomen patiënten, waartoe Van Genk uiteraard niet behoorde. [9] Wel was Plokker in het algemeen uitermate geïnteresseerd in beeldende kunst, schilderde hij zelf en was hij lid van de Haagse Kunstkring, waar hij mogelijk al over Van Genk had gehoord en zelfs misschien al werk van hem had gezien.

Wie hoogstwaarschijnlijk ook al vóór 1964 bekend was met het werk van Van Genk was George Lampe (1921-1982), een Haags schilder, illustrator en auteur van beschouwingen over beeldende kunst. In de tweede helft van de jaren vijftig ontving Lampe bij hem thuis op verwijzing van een kindertherapeut een tijdlang een aantal patiënten die bij hem gingen tekenen. Eind jaren vijftig kreeg hij een aanstelling aan de progressieve Vrije Academie in Den Haag, waar hij later directeur werd. Lampe en Plokker kenden elkaar goed – Plokker was van 1953 tot 1972 bestuurslid van de Vrije Academie. George Lampe was getrouwd met Bibeb.

(wordt vervolgd)


NOTEN

[1] Bibeb, ‘Ik ben een stuk grijs pakpapier’, p. 116 en p. 111.  

[2] Ibid., p. 120.

[3] Ibid., p. 116.

[4] Walda, Koning der stations, p. 32. In de Van Musschenbroekstraat bevond zich op nummer 120 inderdaad een schoenmakerij. Het reclamebureau aan de Mauritskade was waarschijnlijk A.R.O. (Algemene Reclame Onderneming) op nummer 85. Een grossierderij in medicijnen aan de (Oude) Scheveningseweg heb ik niet kunnen vinden.

[5] De AVO-werkplaatsen vielen onder de stichting Schroeder van der Kolk. In de archieven van de stichting is echter geen spoor van Willem van Genk te vinden (e-mails van Cynthia Hamberg aan Jan Vellekoop, 31 mei 2021 en 25 juni 2021).

[6] Zie hier.

[7] Geciteerd in: Van Berkum e.a., Een getekende wereld, p. 81.

[8] Zie ook: Liesbeth Reith, “Vormsels, beeldende expressie, kunst? De collectie Plokker”, in: Patrick Allegaert e.a. (red.), Verborgen werelden. Outsiderkunst in het Museum Dr. Guislain, Tielt 2007, pp. 53-57.

[9] Plokker had ook een praktijk voor ambulante zorg, die mogelijk ooit was bezocht door Van Genk. Diens geliefde Blauwe Tram stopte voor de deur bij ‘Hulp en Heil’.

Rondvaart

Rondvaart (WVG-0087)| 1966 | ets | ca. 15 x 23 cm | Stichting Collectie De Stadshof, Utrecht

Op YouTube werden ten tijde van de tentoonstelling Woest enkele “kunstverhalen” geplaats, korte video’s waarin Ans van Berkum en Hugo Borst werken van Willem van Genk bespraken. In het kunstverhaal over Waarheidsfestival (WVG-0049) gaat Van Berkum onder meer in op een rechthoek van ongeveer vijftien bij twintig centimeter aan de onderkant van het werk: ‘Midden onder de centrale figuur heeft Van Genk een stuk van zijn ets Silja Line geplakt, met daarop een ronde schildering met de titel van een expositie in Den Haag waaraan hij zelf deelnam, Nieuwe realisten.’ [i] Die laatste opmerking is uiteraard correct en ook had Van Genk inderdaad een afdruk van een van zijn etsen gebruikt. Dit was echter niet Silja Line (WVG-0064) maar een ets die lange tijd onbekend was, al had juist Van Berkum haar kunnen herkennen.

Volgens Nico van der Endt maakte Van Genk ‘een vijftal etsen in verschillende kleuren (vervaardigd gedurende zijn avondverblijf op de Academie en afgedrukt door collega’s)’. [ii] Vier van de etsen – Minsk (WVG-0062), Tunnel Napels (WVG-0063), Silja Line en Collonade (WVG-0065) – waren bekend, de vijfde (Rondvaart) werd alleen genoemd in het oeuvre-overzicht in de monografie uit 1998. [iii] Recentelijk bleek echter dat Stichting Collectie De Stadshof die vijfde ets wel degelijk bezat: ‘Er is 1 ets: Rondvaart op de Dnepper bij Kiel, 1966 (reg nr: OS13070701 SH10156) is sinds 17 augustus 1999 in langdurige bruikleen van dhr. J.B. Meinen, Papendrecht, aan Stg Coll. De Stadshof. Afm. 18,6 x 19 cm.’ [iv] Die informatie verhelderde veel en riep tegelijkertijd ook een aantal vragen op.

Allereerst de titel. De noord-Duitse stad Kiel is gelegen aan de Kieler Förde, aan het noordelijk begin van het Noord-Oostzeekanaal, niet aan (of in de buurt van) een rivier genaamd “Dnepper”. En waarom zou Van Genk in Kiel een rondvaart maken? De naam “Dnepper” doet denken aan die van de rivier de Dnjepr, die niet bij Kiel stroomt maar wel bij Kiev. Kijken we goed naar het opschrift op de ets, dan staat daar hoogstwaarschijnlijk W.F.A.M. van GENK s’HAGE ‘66 rondvaart op de Dneppr nabij Kiev. Het gaat dus inderdaad om de Dnjepr en om Kiev, in 1966 na Moskou en Leningrad de derde stad van de Sovjet-Unie en daarmee zeker een aandachtspunt voor Van Genk.

De vier andere etsen werden gemaakt in 1967, Rondvaart leek dus in meerdere opzichten een eerste poging voor Van Genk om zich met de voor hem nieuwe techniek uiteen te zetten. Daarbij zal hij, zoals Van der Endt opmerkte, geholpen zijn door docenten en/of studiegenoten. De bruikleengever van de ets, J.B. Meinen uit Papendrecht, was de kunstenaar Jan Bernard Meinen (1945-2001), die vanaf 1963 een opleiding volgde aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. [v] Meinen, die onder mee naam maakte als graficus en etser, zou zeer goed een van degenen kunnen zijn geweest die Van Genk hielpen.

De afbeelding is redelijk elementair opgezet maar toont een aantal voor Van Genk specifieke elementen. Te zien is de binnenruimte van een rondvaartboot met helemaal links twee meisjes, van wie er een vlechten heeft en een ijsje eet. Voor hen zit een echtpaar, nog een rij naar voren een tweede echtpaar met een kind; de vrouw draagt een hoofddoek, de man heeft een krant in zijn handen. Schuin achter het tweede paar zit een man met een bril en een hondje (mogelijk een zelfportret) en voor het gezelschap staat de gids die in een microfoon spreekt. Door de glazen overkapping van de boot – een voor Van Genk typische webstructuur – is een brug te zien waarover een trein of tram rijdt.

Detail 50 jaar Sovjet-Unie (1966)

Van Genk bezat uiteraard afdrukken van zijn eigen etsen, die hij soms gebruikte in zijn werken. In Reiseland Italien (WVG-0037) is linksboven de ets Collonade ingevoegd, in Amsterdam Moskou per KLM (WVG-0048) Minsk. Rondvaart lijkt maar liefst negen keer te zijn gebruikt, niet allen in Waarheidsfestival maar ook in Vervoer USSR (WVG-0060), in 50 jaar Sovjet-Unie (WVG-0058), in Kathedraal Pilsen (WVG-0044), eveneens in Amsterdam Moskou per KLM en, vier keer, in Urbanisme et architecture (WVG-0054). In Amsterdam Moskou per KLM staat Rondvaart links naast Minsk, wat duidelijk het verschil in formaat tussen beide etsen toont.

Van Rondvaart zijn geen genummerde en gesigneerde exemplaren bekend, zoals van de andere vier etsen. Desalniettemin lijkt ook bij dit werk een verschil te bestaan tussen officiële en niet-officiële afdrukken, waarbij die laatste vaak te herkennen zijn aan een gestippelde rand rond de afbeelding. Een duidelijk voorbeeld hiervan is te vinden in Een getekende wereld, waar de ets Collonade staat afgebeeld mét een gestippelde rand – het betreft derhalve een niet-genummerd exemplaar. [vi] Ook veel van de etsafdrukken bij Museum Dr. Guislain in Gent hebben vermoedelijk een dergelijke rand.

Details Urbanisme et architecture (ca. 1965)

Bij gebruik in andere werken is de rand van Rondvaart niet altijd goed te zien, omdat Van Genk de ets meestal heeft verknipt. In vier gevallen is een tondo verwijderd, in vier andere gevallen is juist alleen een tondo gebruikt – hetgeen doet vermoeden dat tondo’s en omtrekken op elkaar zouden kunnen passen. Urbanisme et architecture laat beide vormen zien: links is drie keer een omtrek gebruikt, rechts één keer een tondo. Ook in Waarheidsfestival ontbreekt een tondo, waarbij Van Genk de vorm van het uitgeknipte deel associeerde met het ronde logo van de tentoonstelling Nieuwe Realisten. Alleen op Amsterdam Moskou per KLM is de hele ets geplakt.

Dat Van Genk Rondvaart heeft gebruikt op werken die iets met de Sovjet-Unie te maken hebben, lijkt in de meeste gevallen duidelijk. Alleen Urbanisme et architecture is in dat verband enigszins problematisch. Het linker deel van dat werk lijkt met name over Stockholm te gaan, al zijn er ook verwijzingen naar Duitsland (met name Keulen), Denemarken en Finland. De omtrekken van Rondvaart in dat deel van het werk bevatten in de ruimte waar de tondo’s zijn uitgeknipt, teksten en afbeeldingen die verwijzen naar respectievelijk Helsinki, Stockholm en Kopenhagen. In het rechter deel, dat op Moskou betrekking heeft, is een tondo ingevoegd met daaroverheen drie maal in cyrillisch schrift KHEB, i.e. Kiev. De kennelijke associatie van Scandinavië met de Sovjet-Unie versterkt de al eerder genoemde hypothese dat Van Genk de Sovjet-Unie via Zweden en Finland was binnengekomen; ook Silja Line wijst in die richting. [vii]

Detail Kathedraal Pilsen (ca. 1965)

Dat er een tondo van Rondvaart is aangebracht op Kathedraal Pilsen, is een bevestiging van de eerder geponeerde stelling (hier) dat Van Genk een tekening van de kathedraal van Pilsen is gaan gebruiken als centrale afbeelding in een veel groter en meer gelaagd werk. Het lijkt of in ieder geval de rechterstrook van het werk later is toegevoegd, wat een verklaring zou kunnen zijn voor enerzijds de dubbele signatuur en anderzijds de verwijzingen naar vijftig jaar Sovjet-Unie in de rechter bovenhoek. Die rechterstrook bestaat voor het grootste deel uit een viertal natuurtekeningen, die we vaker in de collages over de Sovjet-Unie tegenkomen. De tondo uit Rondvaart is op een tekening van een veld met korenaren geplakt, met eroverheen de tekst Navštivte Sovĕtsky – Tsjechisch voor “Bezoek de Sovjet [-Unie]”, hetgeen Van Genk enkele jaren na zijn reis naar Tsjechoslowakije ook daadwerkelijk zou doen.


NOTEN

[i] “Kunstverhaal: Het ‘Waarheidfestival’ van Willem van Genk door Ans van Berkum” (geraadpleegd 22 juni 2021). De WVG-nummers verwijzen naar mijn eigen (aanzet tot een) catalogue raisonné. Van Berkum eindigt haar analyse met de triomfantelijke observatie dat boven de ets ‘deels gecamoufleerd maar toch overduidelijk, het woord KUT’ staat. Dit lijkt me om meerdere redenen een uiterst twijfelachtige conclusie.  

[ii] Nico van der Endt, Kroniek van een samenwerking, p. 25. Zie hier voor meer informatie over de etsen.

[iii] ‘Rondvaart | 1966 | coloured etching | 15 x 23 cm’ (Ans van Berkum e.a., Een getekende wereld, p. 111).

[iv] E-mail van Frans Smolders aan Jack van der Weide, 6 april 2021. De kwalificatie ‘coloured etching’ in Een getekende wereld slaat mogelijk op het feit dat de inkt niet zwart maar sepia is. De afmetingen in Een getekende wereld lijken beter te kloppen dan die in de administratie van Stichting Collectie De Stadshof.

[v] “Jan Bernhard Meinen” (geraadpleegd 23 juni 2021).

[vi] Van Berkum e.a., Een getekende wereld, p. 129. Getuige het bijschrift (‘artist’) betreft het hier inderdaad een afdruk die afkomstig is van de kunstenaar zelf. De genummerde afdrukken werden verhandeld door Galerie Hamer.

[vii] Zie hier en hier.

Context

Den Haag 1905, hoek Borneostraat/Malakkastraat. Op Malakkastraat nummer 6 (rechts, bij de etalageruit) was tussen 1916 en 1922 de winkel gevestigd van Jozef van Genk. (Foto: J.C.C. Witte, Haag Gemeentearchief.)

Jozef en Maria van Genk werden op 14 oktober 1915 ingeschreven in de gemeente ’s-Gravenhage, waarheen ze vertrokken waren vanuit Roosendaal. Maria van Genk was op dat moment zo’n vier maanden in verwachting van hun derde kind. Het eerste adres van het gezin van Genk in Den Haag was Westeinde 257, waar ze vier-en-een-halve maand zouden blijven wonen. De woning bevond zich in een hofje even opzij van de hoofdstraat, het zogeheten ‘Hofje van Vredebest’ dat uit 1864 stamde. Op 3 november kwam op nummer 247 een pasgetrouwd echtpaar wonen, Joop en Anna Bijmans, eveneens van katholieke huize. Anna Bijmans was bovendien net als Maria van Genk in verwachting; de beide echtparen zullen elkaar vrijwel zeker hebben gekend.

Op 29 februari verhuisde het gezin Van Genk naar Malakkastraat 6 in Den Haag, een woon-winkelpand. Hier werd op 9 maart 1916 dochter Nora geboren – en na haar ook Addy, Jacqueline, Riet, Agnes en (nog net) Isabella. Aangenomen mag worden dat Jozef van Genk op dit adres zijn fruithandel uit Roosendaal voortzette, met op 30 augustus 1918 opnieuw een faillissement dat een maand later werd opgeheven. Verhuizen deed het gezin pas weer in januari 1922, en opnieuw in maart 1923, toen Maria van Genk in verwachting was van dochter Willy. Vanaf dit laatste adres, Renbaanstraat 7 in Scheveningen, verhuisde het gezin Van Genk in juni 1925 naar Voorburg. Hier werd op 2 april 1927 zoon Willem geboren.

In 1929 gingen de negen zusjes naar een kostschool in België. Tiny van Genk, tachtig jaar na dato: ‘Het katholieke internaat in Leuven heette ‘Ecole du Commerce’. We moesten zakendametjes en zonnetjes van vader worden.’ [i] Eerder meldde ik dat ik geen school van die naam had kunnen vinden. Dat was ook niet zo vreemd, aangezien het in werkelijkheid ging om Het Heilig Hartinstituut in de Leuvense deelgemeente Heverlee, dat stamde uit 1887 en dat werd (en wordt) geleid door de Zusters Annuntiaten van Heverlee. Een eerste zoekactie van een behulpzame archivaris en erfgoedbeheerder leverde een leerlingenkaart op van Riet van Genk, waaruit bleek dat zij in de leerjaren 1932-1933 en 1933-1934 de richting handel volgde aan de Vlaamse afdeling van de beroepsschool. [ii] In september 1934 keerde zij terug naar Voorburg.

Ook over een andere zuster van Willem van Genk, Leny, waren gegevens te vinden en wel in de database van de Annuntiaten zelf. Leny (dan nog: Lena) bleek op 26 september 1932 te zijn ingetreden, ging zes jaar als ‘Lidwina’ door het leven en trad in 1938 weer uit. De foto van haar in habijt zal daarmee in deze periode zijn gemaakt. Dit verklaart ook de onzekerheid onder nog levende familieleden of hun tante ooit daadwerkelijk was ingetreden: ja, maar tijdelijk. Opmerkelijk is daarnaast dat de Annuntiaten een orde van tertiarissen vormen, een “derde orde”. Dit houdt in dat er verschillende soorten leden kunnen zijn, onder wie ook (eventueel: getrouwde) leken. Maria van Genk was volgens de tekst op haar bidprentje eveneens ‘Lid der Derde Orde’.

Leny keerde in augustus 1938 vanuit Heverlee terug naar Voorburg en verhuisde een jaar later met haar vader en een aantal van haar zusters naar de Magnoliastraat in Den Haag, waar zich uiteindelijk ook Willem bij hen voegde. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Joseph van Genk als vermeld actief in het verzet. Via zijn werk als ambtenaar bij het Gewestelijk Arbeidsbureau kon hij onder meer jonge mannen behoeden voor tewerkstelling in Duitsland door doktersverklaringen voor ze te regelen. Hij maakte deel uit van de katholieke verzetsgroep “Voor God en de Koning” die onder leiding stond van Frans Mol, eveneens werkzaam op het Gewestelijk Arbeidsbureau. Omdat die groep in juni 1944 werd verraden, ging ik ervan uit dat ook Jozef van Genk toen werd gearresteerd en dat kort daarna de vaak aangehaalde ondervraging van Willem van Genk door de SD plaatsvond.

Uit een brief van de Stichting 1940-1945 aan Marijke Bijmans, een kleindochter van Jozef van Genk, blijkt dat de arrestatie al een half jaar eerder was:

Op 29 juli 1948 diende de heer Josephus Johannes Maria van Genk, geboren 10 november 1887, een aanvraag om toekenning buitengewoon pensioen in, daar hij van mening was dat zijn gezondheid geschaad was door het door hem verrichtte illegale werk. Bij beschikking van 8 februari 1952 werd hem door de (toenmalige) Buitengewone Pensioenraad een tijdelijk buitengewoon pensioen verleend.

De heer Van Genk was werkzaam bij het Gewestelijk Arbeidsbureau te Den Haag  en maakte deel uit van een uit personeel van dit bureau gevormde sabotagegroep. De heer Van Genk zond regelmatig personen die voor tewerkstelling in Duitsland in aanmerking kwamen naar artsen die hun medewerking wilden verlenen aan afkeuring. Hij voorzag onderduikers van valse papieren en distributiebescheiden. Hij heeft door deze werkzaamheden een groot aantal personen voor uitzending naar Duitsland weten te vrijwaren.

Op 30 januari 1944 werd hij op zijn werk door de SD gearresteerd. Hij wendde bewusteloosheid voor en werd naar het ziekenhuis St. Johannes de Deo aan het Westeinde gebracht. De arts zond de bewakers weg met de belofte dat hij zelf voor de bewaking zou zorgen. Men kwam nog eens ter controle terug en onmiddellijk daarna werd de heer Van Genk langs een andere weg uit het ziekenhuis gebracht. Hij vluchtte naar Schijndel waar hij tot de bevrijding ondergedoken bleef. Er volgden geen maatregelen tegen de arts. [iii]

Bij het overlijden van Jozef van Genk in 1958 kwam een deel van deze informatie terug in enkele korte krantentartikelen:

Jos. J. van Genk overleden

Op 70-jarige leeftijd is na een langdurige ziekte alhier overleden de heer Jos J. van Genk, die in de bezettingsjaren in de verzetsbeweging een zeer actieve rol heeft vervuld. De heer Van Genk werd als schrijver bij het departement van oorlog tijdens de bezetting bij het Gewestelijk Arbeidsbureau te werk gesteld. Het was in deze functie dat hij regelmatig een aantal doktoren heeft weten te bewegen, naar Duitsland tewerkgestelden te doen afkeuren. Door middel van valse papieren heeft hij zeer velen voor uitzending weten te behoeden. In 1944 toen zijn ondergronds werk aan de Duitsers ter ore kwam, is hij door de S.D. gearresteerd. Ten gevolge van ondergane mishandelingen, waarbij hij zich ten slotte bewusteloos hield, is het hem gelukt te ontkomen en naar Schijndel te kunnen vluchten. De vele spanningen hebben nadien ‘n sterke reactie op zijn gestel ten gevolge gehad, waarvan een langdurig ziekbed uiteindelijk het gevolg is geweest. Dinsdag om 10 uur wordt in de H. Familiekerk de uitvaart gehouden waarna de begrafenis op het St. Barbarakerkhof alhier plaatsheeft. [iv]

In een ander artikel stond iets meer informatie over de aanwezigen bij de uitvaart:

Op het kerkhof waren o.m. aanwezig de heer H. van Vugt, namens het Gewestelijk Arbeidsbureau, waaraan de overledene voorheen was verbonden. Van de Stichting 1940-45 waren er de heren C. Mineur en H. v. Vugt. Voorts volgden met de familieleden een aantal belangstellenden wier zonen tijdens de bezetting de wegvoering naar Duitsland, dank zij de hulp van de heer Van Genk bespaard is gebleven, de baar. Onder hen waren de kunstschilder P. Stordiau met echtgenote en zoon, de heer en mevrouw dr. E. J. del Campo en enkele anderen.

‘Kunstschilder P. Stordiau’ was een oude bekende van Jozef van Genk, over wie ik eerder schreef. [v] Zijn oudste zoon Jérôme (1924) had inderdaad de leeftijd om in 1942-1943 naar Duitsland te worden gezonden, maar het is uiteraard ook mogelijk dat Pierre Stordiau enkel als vriend van de familie bij de uitvaart aanwezig was. Met ‘dr. E.J del Campo’ is waarschijnlijk bedoeld Emile Joseph à Campo (1891-1981), toentertijd woonachtig in Den Haag. A Campo was de voormalige president-directeur van de Stichting voor de Ontwikkeling van de Machinelandbouw in Suriname en als zodanig een vooraanstaand Nederlander.

En mogelijk was er bij de uitvaart nog een persoon aanwezig die ‘tijdens de bezetting de wegvoering naar Duitsland, dank zij de hulp van de heer Van Genk bespaard is gebleven’. Op 4 februari 1948 trouwde de zevenentwintigjarige Agnes van Genk voor de wet met de één jaar oudere Karel Bijmans, zoon van Joop en Anna Bijmans die enkele maanden tegelijk met het echtpaar Van Genk in het Hofje van Vredebest hadden gewoond. Agnes en Karel Bijmans kregen twee dochters, maar lieten tegenover hen weinig los over hun kennismaking of de jaren tijdens de Tweede Wereldoorlog. Wel was Karel Bijmans inderdaad via een doktersverklaring ontkomen aan tewerkstelling in Duitsland, terwijl hij bij weten van zijn jongste dochter niets mankeerde. Binnen de standsbewuste familie Van Genk was de meer volkse Karel bovendien een enigszins vreemde eend in de bijt. [vi]

Foto tijdens het huwelijk van Karel Bijmans (A) en Agnes van Genk (B), waarbij ook aanwezig Riet van Genk (1), Willy van Genk (2), Isabella van Genk (3), Albertine van der Ouderaa (4), Jozef van Genk (5), Addy van Genk (6), Leonarda Pennekamp (7) en Leny van Genk (8) (archief Marijke Bijmans).

Een opmerkelijk gast bij het huwelijk van Agnes van Genk in 1948, getuige een bij die gelegenheid gemaakte foto, was Leonarda Pennekamp, die vier jaar later de derde echtgenote van Jozef van Genk zou worden. Ook op een andere foto uit die tijd is zij al te zien, samen met Agnes van Genk, Karel Bijmans, Riet van Genk, Tiny van Genk en Jozef van Genk. Die laatste was in 1948 officieel nog getrouwd met Maria Heesen, van wie hij hij echter al zo’n tien jaar gescheiden leefde. Uit een dossier bij de Sociale Verzekeringsbank bleek dat ook Leonarda Pennekamp een verzetsverleden had, zodat het waarschijnlijk is dat zij Jozef van Genk via die weg kende. [vii] Eerder was zij getrouwd geweest met Hendrik van der Wal, die in januari 1945 overleed. Na haar huwelijk met Jozef van Genk zou zij de telefoon blijven opnemen met de naam van haar eerst echtgenoot: ‘U spreekt met mevrouw Van der Wal …’ [viii]


NOTEN

[i] Walda, Koning der Stations, p. 31.

[ii] E-mail van Ria Christens aan Jack van der Weide, 1 juni 2021. De naam van Riet/Marietje (Maria Julia Anna) van Genk wordt op de kaart verfranst weergegeven als ‘Van Genck, Mariette Johanna’. Ook in het Frans vermeld zijn de studierichting en de taal van de afdeling.

[iii] Brief van M.J.C.F. Smits-Delfgaauw aan Marijke Bijmans, 8 augustus 1995.

[iv] Marijke Bijmans: ‘Ik heb ook nog wat rouwadvertenties van mijn grootvader uit de Haagse Courant, Het Binnenhof en de Volkskrant. Mijn moeder [Agnes van Genk; JvdW] heeft die krantenknipsels altijd bewaard. […] Helaas staat er niet bij welk artikel in welke krant stond. Deze krantenknipsels zaten bij elkaar in een envelop en op de envelop stond geschreven dat het in die genoemde kranten stond. Wel met de datum 6 en 7 oktober 1958.’

[v] Hier en hier.

[vi] Interview met Marijke Bijmans, 14 mei 2021.

[vii] E-mail van Alex de Baar aan Jack van der Weide, 17 september 2020.

[viii] Mededeling Irene Zalme, 27 februari 2018.

Aanzet tot een catalogue raisonné (12)

Dit is het twaalfde deel van een tekst over een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk en het derde deel over de bus-assemblages.

Willem van Genk met een van zijn trolleybussen, 1991 (foto: Mario del Curto)

In 2014 was de tentoonstelling Willem van Genk: Mind Traffic te zien in het American Folk Art Museum in New York. Tentoongesteld waren onder meer zes bus-assemblages, alle van de Stichting Willem van Genk. In de catalogus bij de tentoonstelling kregen ze de nummers 13 t/m 18. In alle gevallen is de naam van het werk ‘Untitled’, met een nadere aanduiding tussen haakjes die in vier van de zes gevallen identificatie mogelijk maakt. Als materiaal wordt steeds vermeld ‘Tin cans, cardboard, metal, paint, paper, and plastic’, als datering ‘c. 1980-2000’.


WVG-6017

Collectie: Stichting Willem van Genk

Untitled (Velp-Oosterbeek Trolley)

Afmetingen: 10,5 x 23,5 x 5,125 inch (bron: catalogus Mind Traffic)

Lijnnummer: 1

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een zandkleurige tram met een schaarbeugel. De basis is een kartonnen model, zij het niet van één van de twee genoemde typen. Een equivalent van de tram is te vinden op WVG-0119.

Linkerzijde: daklijst KWALITEIT TURMAC SIGARET, daarachter RATELBAND (links) HAP-HOEK (rechts).

Voorkant: 1, daaronder REMISE, onder de voorruit 1 manswagen en VELP


WVG-6018

Collectie: Stichting Willem van Genk

Untitled (Trolley)

Afmetingen: 11,5 x 24,5 x 5,125 inch (bron: catalogus Mind Traffic)

Lijnnummer: 1

Algemeen: wanneer het inderdaad de hieronder afgebeelde assemblage betreft, gaat het om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 1). De afbeelding kan ook bij WVG-6019 of WVG-6021 horen.

Linkerzijde: STIMOROL (midden onder), daarboven drie logo’s van McDonald’s; rechts boven VELP 1, daarboven drie papiertjes met in groene balpen KEMA OOSTERBEEK en WILLEMSPLEIN. Daklijst: ND HAP-HOEK de lekkerste, daarboven KAASLAND DRIEHOEK ONTVET.

Rechterzijde: driemaal ARNHEMSE KOERIER. Daklijst: têtes de nègre | negerküsse Arnhem BUYS | negerszoenen Trolleystad.


WVG-6019

Collectie: Stichting Willem van Genk

Untitled (Trolley)

Afmetingen: 4,5 x 26,5 x 4,75 inch (bron: catalogus Mind Traffic)

Algemeen: wanneer het inderdaad de hieronder afgebeelde assemblage betreft, gaat het om een trolleybus waarbij het lijnnummer niet te zien is. De afbeelding kan ook bij WVG-6018 of WVG-6021 horen.

Linkerzijde: daklijst RATELBAND HAP-HOEK.


WVG-6020

Collectie: Stichting Willem van Genk

Untitled (Toblerone Trolley)

Afmetingen: 10 x 19 x 5,125 inch (bron: catalogus Mind Traffic)

Lijnnummer: 2

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). Door de voorgedrukte eindhalte GEITENKAMP op de voorkant is een kruis gehaald. De herkomst van de aanduiding ‘Toblerone Trolley’ is onduidelijk.

Linkerzijde: Aquafresh (midden), links daarvan een logo van McDonald’s. Daklijst: RATELBAND HAP-HOEK 2 STATION, daarboven Coke (links), Coca-Cola ELSWEIDE (rechts).

Voorkant: 2 GEITENKAMP, onder de voorruit ELSWEIDE, op de bumper een logo van Iglo.


WVG-6021

Collectie: Stichting Willem van Genk

Untitled (Poppell Club, Restoril, Iglo Trolley)

Afmetingen: 10,75 x 26,75 x 5 inch (bron: catalogus Mind Traffic)

Algemeen: mogelijk gaat het hier om de assemblage die is afgebeeld bij WVG-6018 of WVG-6019.


WVG-6022

Collectie: Stichting Willem van Genk

Untitled (Plan Leideritz Trolley)

Afmetingen: 5 x 21,75 x 11 inch (bron: catalogus Mind Traffic)

Lijnnummer: 4

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model, zij het niet van één van de twee genoemde typen. De herkomst en betekenis van de aanduiding ‘Plan Leideritz Trolley’ is onduidelijk. Er zijn geen verwijzingen naar Arnhem zichtbaar.

Rechterzijde: daklijst PRODENT (rechts).

Voorkant: Tempo, daarboven XYLITOL.


Naast de hiervoor genoemde bus-assemblages in grotere collecties zijn er ook enkele die in particuliere verzamelingen zijn terechtgekomen. Een aparte categorie vormen de bussen waarvan wel een afbeelding bekend is, maar die ik niet kan koppelen aan een collectie.


WVG-6023

Collectie: Arnulf Rainer, Wenen [i]

Afmeting: ca. 102 cm (bron: catalogus tentoonstelling Outsiders, Galerie Hamer 1999)

Lijnnummer: 3

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 1).

Linkerzijde: links en rechts van de achterdeur twee logo’s van Iglo, daarnaast HISTOR, FLEXA | FLEXA, logo McDonald’s, logo Iglo; daaronder DE RABOBANK EEN INTERNATIONALE BANK. Daklijst: BAND HAP-HOEK (links), ’t CRANEVELD 3 (rechts); daarboven Coca-Cola (links), EXTRA GROOT (midden).


WVG-6024

Collectie: privécollectie, Den Haag

Lijnnummer: 2

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). De assemblage was te zien tijdens de tentoonstelling Woest.

Linkerzijde: PRODENT, links en rechts daaronder Hero, links en rechts daarboven logo McDonald’s. Daklijst: RATELBAND HAP-HOEK, links daarboven Coca-Cola, rechts daarboven Coke.

Rechterzijde: KATJA, links en rechts daarnaast logo McDonald’s. Daklijst: Patisserie-Bonbonnerie Leon Steenstraat 93 Arnhem Tel.: 085-422459, daarboven 6828 CH; rechts boven Coke Drink Coca-Cola.

Voorkant: 2 en (voorgedrukt) 2 GEITENKAMP, onder de voorruit STATION, links onder 2.


WVG-6025

Collectie: privécollectie

Lijnnummer: 36

Algemeen: het lijkt niet te gaan om een trolleybus op basis van een van de genoemde modellen. Ook zijn er geen direct zichtbare verwijzingen naar Arnhem. In Een getekende wereld staat de bus afgebeeld op. p. 35, met als bijschrift: ‘Trolleybus | ca 1990 | mixed media | h. 19 cm | De Stadshof, Zwolle’. De bus behoort echter niet tot de vier assemblages die Stichting Collectie De Stadshof bezit. Navraag leerde dat toenmalig Stadshof-directeur Ans van Berkum ‘nog bezig [was] met de definitieve keuze voor de aankoop van de werken van Van Genk toen Een getekende wereld verscheen.’ [ii] Galerie Hamer zou de bus uiteindelijk verkopen aan een Amsterdamse verzamelaar.

Linkerkant: Marl Marlboro boro (midden); 96 (rechts). Daklijst: Marl boro (rechts), daaronder 36.


WVG-6026

Collectie: privécollectie, Zandhoven

Lijnnummer: 3

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 1). Bij een artikel in Trouw over Walter Van Beirendonck, die de tentoonstelling Woest ontwierp, was hij op een foto te zien met in zijn handen een bus-assemblage die geen deel uitmaakte van de tentoonstelling. Het ligt daarmee voor de hand te veronderstellen dat de assemblage afkomstig is uit de collectie van Van Beirendonck en zijn partner Dirk Van Saene, beiden bewonderaars van het werk van Van Genk. [iii]

Rechterzijde: CESAR (midden onder), daklijst Arnhem Trolleystad.


WVG-6027

Collectie: galerie Arte Magica, Haarlem

Afmetingen: 81 x 35 x 20 cm (bron: galerie Arte Magica)

Algemeen: het gaat om een trolleybus uit Moskou. Zie hier voor meer informatie over dit werk. De assemblage was te zien tijdens de tentoonstelling Woest.


WVG-6028

Collectie: onbekend

Lijnnummer: 2

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). De assemblage was te zien tijdens de tentoonstelling Woest.

Linkerzijde: daklijst RATELBAND HAP-HOEK, rechts STATION. Boven ingang Arnhem 2 Trolleystad.

Rechterzijde: daklijst Patisserie Leon Steenstraat 93 Arnhem Tel.: 085-422459, daarboven Bonbonnerie.

Voorkant: 2 GEITENKAMP, daarboven TROLLEYBUS VERENIGING.


WVG-6029

Collectie: onbekend

Lijnnummer: 3

Algemeen: het lijkt niet te gaan om een trolleybus op basis van een van de genoemde modellen.

Linkerzijde: tussen de middelste deur en de ingang logo McDonald’s en Pico. Daklijst: RATELBAND HA.


WVG-6030

Collectie: onbekend

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). De dominante kleur is blauw, een lijnnummer is niet te zien.

Rechterzijde: Croky CHIPS; daklijst Patisserie-Bonbonnerie Leon Steenstraat 93 Arnhem Tel.: 085-422459, daarboven donuts.

Voorkant: logo Iglo (bumper).


WVG-6031

Collectie: onbekend

Lijnnummer: 5

Algemeen: het gaat om een trolleybus op basis van een kartonnen model, zij het niet van één van de twee genoemde typen. De dominante kleur is blauw.

Rechterzijde: 5 en ARNHEM TROLLEYSTAD (boven de ramen); BERNE BERNER BERNE (onder), links en rechts daarboven twee halve logo’s van McDonald’s. Daklijst: MERCEDES BENZ (links), STADSBUS 0205 (rechts).


NOTEN

[i] In de catalogus van de tentoonstelling Outsiders bij Galerie Hamer (1999) staat de bus afgebeeld op p. 10, met als bijschrift ‘Trolleybus, ca. 1990, karton + div. materialen, ca. 102 cm (coll. Rainer)’. In Kroniek van een samenwerking (uit 2014) staat de bus afgebeeld op p. 135, met als bijschrift ‘Trolleybus | ca. 1990 | mixed media | length 55 cm | private collection | France’. Desgevraagd antwoordde Nico van der Endt dat hij het weliswaar niet meer met zekerheid kon zeggen maar dat de informatie uit 1999 hem betrouwbaarder leek dan die uit 2014 (e-mail van Nico van der Endt aan Jack van der Weide, 2 mei 2021).

[ii] E-mail van Liesbeth Reith aan Jack van der Weide, 7 augustus 2020.

[iii] Walter Van Beirendonck en Dirk Van Saene waren in september 2014 gastredacteuren van een editie van NRC DeLUXE. Daarin stond ook een artikel over Willem van Genk – Van Beirendonck: ‘Willem van Genk is een boeiend persoon. Wij vinden zijn sculpturen het mooist.’

Aanzet tot een catalogue raisonné (11)

Dit is het elfde deel van een tekst over een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk en het tweede deel over de bus-assemblages. Het vorige deel is hier te vinden.

Kartonnen trolleybussen in het Trolley-Bus Museum in Arnhem (foto: Jack van der Weide)

Het LaM in Lille bezit drie bus-assemblages, waarvan er twee staan afgebeeld op de website: WVG-6008 heeft acht foto’s gekregen, WVG-6009 één, WVG-6010 geen. Elke assemblage heeft een naam en eigen afmetingen. Er is een poging gedaan de teksten op de bussen te inventariseren.


WVG-6008

Collectie: LaM, Lille

Heemskrklaan [i]

Afmetingen: 25 x 82 x 18 cm (bron: website)

Lijnnummer: 1

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). Dit verklaart dat Van Genk het nummer en de eindstations van lijn 1 op de bus heeft aangebracht, terwijl op de voorkant ook nog de oorspronkelijke lijn en bestemming van het kartonnen model te zien is. De bus heeft zes wielen, de dominante kleur is blauw. De teksten op de bus volgens het LaM:

INSC.H.M. (avant du trolley): HEEMSKRKLAAN / 2 GEITENOKAMP INSC.M. (avant du trolley): Patisserie Bonbonnerie / LEON INSC.B.M. (avant du trolley): iglo / Tobler INSC.H.DR. (côtés droit et gauche du trolley): TOBLE RONE / SUPERRATELBAND HAP-HOEK MARKT INSC.M.DR. (côtés droit et gauche du trolley): AL MCD Donald AAF INSC.M.DR. (côtés droit et gauche du trolley): NET. WT. 0,37 oz. 10,4 GRAMS INSC.B.DR. (côtés droit et gauche du trolley): Wasa / Pain croustillant suédois / schwedisches Knäck-Brot / Swedish crispbread INSC.B. (côtés droit et gauche du trolley, angles avant et arrière): POP CORN INSC.M. (toit du trolley): Fresch INSC.M. (arrière du trolley): 1 / iglo / iglo

Linkerzijde: achterdeur POP, daarboven OOSTERBEEK; voordeur CORN, daarboven VELP. Tussen beide deuren AL McD [logo McDonald’s] Donald AAF; daaronder Wasa. Daklijst SUPER RATELBAND HAP-HOEK MARKT, daarboven TOBLE RONE.

Rechterzijde: midden AL McD [logo McDonald’s] Donal AAF, daaronder Wasa. Daklijst SUPER RATELBAND HAP-HOEK MARKT, daarboven TOBLE RONE.

Voorkant: 2 GEITENKAMP, daarboven HEEMSKERKLAAN.


WVG-6009

Collectie: LaM, Lille

Hoogkamp

Afmetingen: 32,5 x 78 x 14 cm (bron: website)

Lijnnummer: 12

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 1) met een toegevoegd deel. De bus heeft zes wielen en waarschijnlijk een harmonicascharnier; de dominante kleuren zijn geel en blauw. De teksten op de bus volgens het LaM:

INSC.H. (avant du trolley): HOOGKAMP INSC.H. (avant du trolley): WILLEMS / PLEIN (S) INSC.M. (avant du trolley): ELSWEIDE WELLEN STEIN INSC.B. (avant du trolley): 12 BRAGAH – ZOMERLUN / STATION NATIONAL PARK / de HOGE VELUWE / (SEIZDEN-LUN) / DUB-BUS VAN HOOD INSC.H.G. (côté gauche du trolley): ATHLETIC IZUNO FOOT WEAR / Patisserie – Bonbonnerie Léon Steenstraat 936828 CH Arnhem Tel.: 085-422459 INSC.B.M. (côté gauche du trolley): STIMOROL / GSM INSC.H.M. (côté droit du trolley): CHOCOLAT EXTRA RATELBAND HAP-HOEK INSC.DR. (côté droit du trolley): STAIG INSC.B. (côté droit du trolley): GSM GSM INSC. (arrière toit du trolley): Visit expo ! INSC. (avant toit du trolley): Blistex INSC. (x 2 sur boîte toit du trolley): HOMMERSON INSC.M. (toit du trolley): Bison INSC.M. (arrière du trolley): EXTRA INSC.M. (arrière du trolley): Cesar / BASIS MARKT / LET OP

Rechterzijde: linkerdeel centraal STIMOROL, daaronder CSM. Daklijst: Patisserie-Bonbonnerie Leon Steenstraat 93 6828 CH Arnhem Tel.: 085-422459, daarboven ATHLETIC IZUNO FOOTWEAR. Rechterdeel LASER (volle breedte), onderkant CSM.

Achterkant: CESAR (midden), LET OP (onder).


WVG-6010

Collectie: LaM, Lille

Daelhuysen

Afmetingen: 35 x 55 x 10 cm (bron: website)

Lijnnummer: 3

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 1). De dominante kleur is blauw. De teksten op de bus volgens het LaM:

INSC.H. (avant du trolley): NAEF / VELP INSC.H. (avant du trolley): DAELHUYSEN INSC.M. (avant du trolley): (via) / Willemsplein INSC.B. (avant du trolley): ALTEVEER ’t CRANEVELT INSC.H. (côté gauche du trolley): Patisserie-Bonbonnerie LEON Tel.: 085-422459 INSC.B. (côté gauche du trolley): VARTA INSC.H. (côté droit du trolley): UiTGANG Arnhem RATIRAN HAP-HOEK Trolleystro ingang INSc.M. (côté droit du trolley): NATIONALE / STRIPPEN / KAART / NATIONALE / STRIPPEN / KAART INSC.B. (côté droit du trolley): VARTA INSC.M. (arrière du trolley): 3 / Chiquita INSC.H. (toit du trolley): 6828 CH

Rechterzijde: VARTA (midden onder), daarboven 3 en driemaal ARNHEMSE KOERIER. Daklijst: Patisserie-Bonbonnerie Leon Steenstraat 93 Arnhem Tel.: 085-422459, daarboven 6828 CH.


Van The Museum of Everything is mij geen website of omvattende catalogus bekend. Het bezit waarschijnlijk zes bus-assemblages, die onder meer te zien waren tijdens de tentoonstelling in de Kunsthal in Rotterdam in 2016.


WVG-6011

Collectie: The Museum of Everything

Lijnnummer: 1

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). De dominante kleur is blauw.

Linkerzijde: RATELBAND HAP-HOEK (daklijst); logo McDonald’s (midden).

Rechterzijde: logo McDonald’s (midden), daarachter HO. Daklijst: Patisserie-Bonbonnerie Leon Steenstraat 93 Arnhem Tel.: 085-422459, daaronder 6828 CH, daarboven Coke (links), PEPSI (rechts).


WVG-6012

Collectie: The Museum of Everything

Lijnnummer: 3

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een tram met een sleepbeugel. De dominante kleur is geel, de voorwielen ontbreken geheel, de achterwielen deels. Een equivalent van deze tram is te vinden op WVG-0125.

Linkerzijde: bitter koekjes (links en rechts van het midden), aardappelpuree dubbelpak (onder). Daklijst: KWALITEIT TURMAC SIGARET, daaronder RATELBAND TURMAC HAP-HOEK. Rechts naast de ingang MET GEPAST GELD BETALEN AUB.

Rechterzijde: bitter koekjes (links en rechts van het midden), 12 PAKJES 5708.0 (onder). Daklijst: KWALITEIT TURMAC SIGARET, daaronder RATELBAND TURMAC HAP-HOEK.

Voorkant: boven 3, onder de voorruit ALTEVEER, daaronder Maggi.


WVG-6013

Collectie: The Museum of Everything

Algemeen: de beschikbare foto’s van deze assemblage zijn vaag. Het gaat om een trolleybus met als dominante kleur oranje; een lijnnummer is niet te onderscheiden.

Voorkant: MARLBORO (rechts onder).


WVG-6014

Collectie: The Museum of Everything

Lijnnummer: 2

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2).

Rechterzijde: VERKADE (midden), daklijst met een logo van Ratelband Hap-hoek en LE ON.

Voorkant: 2 VELP (boven), logo Iglo (onder).


WVG-6015

Collectie: The Museum of Everything

Lijnnummer: 4

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model met een toegevoegd deel. De bus heeft zes wielen, de dominante kleuren van het voorste deel zijn geel en blauw.

Linkerzijde: voorste deel Verkade, CSM; daklijst RATELBAND HAP-HOEK. Achterste deel CSM, logo McDonald’s; daklijst SUPER Coca-Cola MARKT, daarboven Blue Band.


WVG-6016

Collectie: The Museum of Everything

Lijnnummer: 2

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). Het is onduidelijk of de bus wielen heeft of alleen wielassen.

Rechterzijde: Patisserie-Bonbonnerie Leon Steenstraat 93 6828 CH Arnhem Tel.: 085-422459, daaronder NEDERLANDSE TROLLEYBUS VERENIGING.

Voorkant: GEITENKAMP.


NOTEN

[i] “Heemskerklaan” is een halte in Velp van trolleylijn 1 (Oosterbeek-Velp).

Aanzet tot een catalogue raisonné (10)

Dit is het tiende deel van een tekst over een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk.

Bus-assemblages bij Museum Dr. Guislain, 22 september 2006 (foto: Jack van der Weide)

De bus-assemblages van Willem van Genk vormen een aparte categorie binnen zijn oeuvre, met specifieke aandachtspunten voor een catalogue raisonné. [i] Als gezegd zou er een goede standaardbeschrijving dienen te worden opgesteld, bestaande uit bijvoorbeeld afmetingen, lijnnummer, belangrijkste advertenties, tram/trolleybus en zo verder. Dit om de verschillende assemblages van elkaar te kunnen onderscheiden. Foto’s kunnen bij de identificatie van een bus uitermate behulpzaam zijn, maar ze kunnen het beeld ook vertroebelen vanwege een ongewone hoek of belichting, of vanwege de kant van een bus die al dan niet in beeld is. Het totale aantal bussen is onduidelijk. Vaker wordt een getal van ongeveer zeventig genoemd, met daarnaast de exemplaren die deel uitmaakten van de oorspronkelijke installatie Busstation Arnhem. [ii]

Volgens Kroniek van een samenwerking kwamen via Galerie Hamer twee bussen terecht bij Museum De Stadshof, één bij de kunstenaar Arnulf Rainer in Wenen, zes bij de Franse kunsthandelaar Jean-Pierre Ritsch-Fisch, drie bij La Collection de l’Art Brut in Lausanne en één bij museum L’Aracine in Neuilly-sur-Marne. Ritsch-Fisch zou een aantal van zijn bussen weer verkopen aan het Museum Of Everything van James Brett. In 1998 verwierf De Stadshof via de familie nog eens twee bussen. [iii] Het LaM in Lille bezit drie bussen, volgens hun website alle geschonken door L’Aracine in 2000. Daarnaast bevindt een aantal assemblages zich in particuliere verzamelingen, voor een deel te achterhalen. De rest is vermoedelijk in beheer bij Stichting Willem van Genk.

In mijn overzicht verwijs ik onder meer naar twee typen kartonnen trolleybussen die door Van Genk regelmatig als basis voor zijn assemblages werden gebruikt (soms verknipt en/of verlengd): de bouwplaten van het Gemeentelijk Vervoerbedrijf Arnhem van de B7900-trolleybus (type 1); en de doosjes in de vorm van trolleybussen voor ‘trolleycake’ en Arnhemse meisjes, gemodelleerd naar de trolleybus BUT 101-136 (type 2). Arnhemse trolleylijnen waren en zijn genummerd van 1 t/m 9. Daarbij heeft lijn 8 nooit bestaan; reed lijn 4 slechts een paar maanden in 1950; werd lijn 7 in 1974 opgeheven en ging hij 1999 weer rijden; en bestaat lijn 6 pas sinds 2012. [iv] Uitgaande van een enigszins historische weergave waren daarmee voor Van Genk de lijnen 1, 2, 3, 5 en 9 van belang.

Het eerste deel van dit overzicht betreft bus-assemblages in twee museale collecties die informatie geven op hun respectieve websites: Stichting Collectie De Stadshof en La Collection de l’Art Brut. Uit de informatie op de twee websites vallen al enkele specifieke problemen bij het beschrijven van de bussen af te leiden. Stichting Collectie De Stadshof bezit vier bus-assemblages, volgens hun website alle ‘mixed media | ca. 1990 | 26,5 x 80 x 13 cm’. Bij die maten wordt opgemerkt dat ‘de lengte 80 cm van de bussen is genomen zonder uitsteeksels.’ Drie van de bussen staan afgebeeld op de website. La Collection de l’Art Brut bezit drie bus-assemblages, waarvan er twee worden genoemd en afgebeeld op hun website. In beide gevallen gaat het om ‘Sans titre | s.d | assemblage de matériaux de récupération divers | 24 x 81 cm’. [v]

Opgenomen in de beschrijvingen zijn uiteraard de opmerkingen en teksten die op foto’s zichtbaar zijn. De bussen van la Collection de l’Art Brut waren te zien tijdens de tentoonstelling Woest.


WVG-6001

Collectie: Stichting Collectie De Stadshof, Utrecht (inv.nr. SH6082)

Afmetingen: 26,5 x 80 x 13 cm (bron: website)

Lijnnummer: 2

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2).

Linkerzijde: centraal het woord PEPSI; links naast de deuren logo’s van McDonald’s, beide malen schuin links daaronder COOL MINT. Daklijst met RATELBAND HAP-HOEK.

Rechterzijde: links en rechts logo’s van McDonald’s, beide malen schuin links daaronder COOL MINT.

Voorkant: 2 HOOGKAMP


WVG-6002

Collectie: Stichting Collectie De Stadshof, Utrecht (inv.nr. SH10847)

Afmetingen: 26,5 x 80 x 13 cm (bron: website)

Lijnnummer: 9

Algemeen: het lijkt bij deze assemblage niet te gaan om een trolleybus op basis van een kartonnen model. De dominante kleur is blauw.

Linkerzijde: aan de onderkant CHOCOLAT EXTRA FIN VERKADE. Daklijst met links RATELBAND HAP-HOEK en rechts BUYS NEGEZOENEN, schuin rechts daaronder GEITEKAM […]. Deur links UITGANG, deur rechts INGANG, deur midden GEEN DOORG.

Voorkant: naast het lijnnummer GEITENKAMP, STATION en DE LAAK; daarboven op een apart kaartje ELDEN. Verder naar onderen UNION en een logo van Iglo.


WVG-6003

Collectie: Stichting Collectie De Stadshof, Utrecht (inv.nr. SH6081)

Afmetingen: 26,5 x 80 x 13 cm (bron: website)

Lijnnummer: 14

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model, zij het niet van één van de twee genoemde typen. De dominante kleur is rood. Het betreft hier een voor Van Genk atypische trolleybus: de reclame voor Ratelband Hap-Hoek ontbreekt en het lijnnummer heeft nooit bestaan binnen het Arnhemse netwerk.

Linkerzijde: Cavallino GIOCATTOLI (centraal), MÄRKLIN Ram (midden links) penstück gebogen Spur HD (midden rechts). Daklijst: HERO EXTRA GROOT (links), light Coca Cola Coca Cola COKE (midden), 14 Centraal Station (rechts).

Rechterzijde: INSPIR Highlight ATION (centraal), daaronder VERKERKE.

Voorkant: 14 Centraal Station, daaronder DRIESLAG GROENE WEIDE 14. [vi]

Dak: Kretzschman (links).

Een afbeelding van de assemblage is opgenomen in Kroniek van een samenwerking, pp. 132-133.


WVG-6004

Collectie: Stichting Collectie De Stadshof, Utrecht (inv. nr. SH10846)

Afmetingen: 26,5 x 80 x 13 cm (bron: website)

Lijnnummer: 3

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2). De bus heeft zes wielen.

Rechterzijde: KATJA (midden onder).

Linkerzijde: HISTOR FLEXA FLEXA HISTOR.

Voorkant: 3 CRANEVELD; verder naar onderen een logo van Iglo.


WVG-6005

Collectie: La Collection de l’Art Brut, Lausanne

Afmetingen: 24 x 81 cm (bron: website)

Lijnnummer: 1

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model (type 2).

Linkerzijde: KROEPOEK (centraal). Daklijst: SUPER frou-frou RATELBAND HAP-HOEK frou-frou MARKT.

Rechterzijde: Marlboro (midden), MODEL ACTIVE SP-690 (onder). Daklijst: ARNHEMSE KOERIER.

Voorkant: VELP, STATION, OOSTERBEEK.


WVG-6006

Collectie: La Collection de l’Art Brut, Lausanne

Afmetingen: 24 x 81 cm (bron: website)

Lijnnummer: 1

Algemeen: het lijkt bij deze assemblage niet te gaan om een trolleybus op basis van een kartonnen model. De dominante kleur is blauw, de bus heeft zes wielen en een harmonica-scharnier.

Linkerzijde: COKE (midden links). Daklijst: Coca-Cola (links), RATELBAND HAP-HOEK; VELP OOSTERBEEK STATION VELP.

Rechterzijde: COKE (midden rechts). Daklijst: VELP ARNH OOSTERB; Blue Band, Blue Band, Coca-Cola.

Voorkant: VELP.


WVG-6007

Collectie: La Collection de l’Art Brut, Lausanne

Afmetingen: 25 x 61 x 14 cm (bron: Woest, p. 82)

Lijnnummer: 9

Algemeen: het gaat bij deze assemblage om een trolleybus op basis van een kartonnen model, zij het niet van één van de twee genoemde typen. De dominante kleur is donkerblauw.

Linkerzijde: gesplitst logo McDonald’s, daartussen en links 2x NIVEA CREMEZEEP. Daklijst: STIMOROL, RATELBAND HAP-HOEK, 9 STATION; daarboven HERO (links), Coca Coca-Cola Cola (rechts).

Rechterzijde: gesplitst logo McDonald’s, daartussen en rechts 3x NIVEA CREMEZEEP, daaronder links ARNHEM 750. Daklijst: RATELBAND HAP-HOEK, daarboven Coca Coca-Cola Cola.

Voorkant: 9.

Een afbeelding van de assemblage is opgenomen in Woest, p. 82.


NOTEN

[i] In deze teksten spreek ik van ‘bus-assemblages’ en ‘bussen’, hoewel er zich naast trolleybussen ook enkele trams tussen de assemblages bevinden. De eerdere, meer algemene blogteksten over de bussen zijn hier en hier te vinden.

[ii] ‘Willem van Genk heeft ongeveer […] 70 autobussen [gemaakt]’ (Nico van der Endt, Kroniek van een samenwerking, p. 25); ‘In huis bevinden zich ongeveer 70 modellen van trolleybussen’ (Walda, Koning der stations, p. 128); ‘Trolleybussen | ca 1980/1990 | mixed media (ca 70)’ (Van Berkum e.a., Een getekende wereld, p. 119).

[iii] Van der Endt, Kroniek van een samenwerking, pp. 105, 109, 113, 115.

[iv] Een historisch overzicht van de lijnenloop van de Arnhemse trolleybus is hier te vinden (geraadpleegd 3 mei 2021).

[v] Gezien de onderlinge verschillen tussen de assemblages is het onwaarschijnlijk dat de maten voor de bussen identiek zijn. Dit geldt uiteraard ook voor Stichting Collectie De Stadshof.

[vi] In Arnhem-zuid is een bushalte Groene Weide, vlakbij winkelcentrum De Drieslag. Het betreft hier niet een halte voor de trolleybus.

Aanzet tot een catalogue raisonné (9)

Dit is het negende deel van een tekst over een aanzet tot een catalogue raisonné van het oeuvre van Willem van Genk.

Woest, 3 oktober 2019. Links boven WVG-0113, daaronder WVH-0007, daarnaast WVG-0005, rechts WVG-0092

Dit is vooralsnog het laatste deel van mijn inventarisatie van het tweedimensionale werk van Willem van Genk. Aan bod komen eerst enkele werken die te zien waren tijdens Woest maar die niet waren opgenomen in de publicatie bij die tentoonstelling. Vervolgens wordt een aantal werken genoemd uit Willem van Genk bouwt zijn universum, een boek uit 2010 van Museum Dr. Guislain in samenwerking met de Stichting Willem van Genk. Details als afmeting, datering en techniek zijn in dit boek echter minimaal zodat er met enig voorbehoud naar dient te worden gekeken. Incidenteel verwijs ik naar ‘de lijst Van der Endt 2000’, een lijst gedateerd 1 juni 2000 met ‘nog verkoopbare werken van Willem van Genk’, opgesteld door Nico van der Endt. Ik eindig met enkele werken die ik ken uit eigen waarneming.

Veel ontbreekt nog, met name een flink aantal merendeels kleinere tekeningen, al dan niet verknipt, sommige te zien tijdens Woest (zonder begeleidende tekst), tijdens andere tentoonstellingen en/of afgebeeld in Willem van Genk bouwt zijn universum. De tekeningen zijn hoofdzakelijk in bezit van de Stichting Willem van Genk en Museum Dr. Guislain; in beide gevallen beschik ik niet over een overzicht. Daarnaast is uiteraard de vraag waar men een lijn dient te trekken. Wat bijvoorbeeld te doen met de brieven, in sommige gevallen geschreven in verschillende kleuren en bezaaid met tekeningen, in andere vrijwel alleen interessant vanwege de inhoud? Verder bestaan er schetsboekjes, plakboekjes, reisverslagen, literatuurlijsten, memo’s enzovoort. Op aard en aantal van deze items is nauwelijks zicht.


WVG-0113

Op de lijst Van der Endt 2000 staat dit werk vermeld als ‘Amsterdam, gezicht op C.S., 1950 | gem. techniek/collage, 63,5 x 40 cm’.

Tijdens de tentoonstelling Woest had dit werk het bijschrift Amsterdam en was het te zien naast twee andere tekeningen over Amsterdam. Op de achterkant heeft Van Genk geschreven Amsterdam centraal station / met ronde Lutersche kerk PH kade, met daarnaast in een naamstempel het jaartal 1950.

Afbeelding: zie foto hierboven.


WVG-0114

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 109
Geldersche tramwegen | s.d. | mixed media | Privécollectie

Dit werk werd in 2017 samen met WVG-0068 door Museum Het Dolhuys aangekocht van een particuliere verzamelaar. Tijdens Woest was het te zien in een van de vitrines.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 109.

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0115

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 34
Geldersche tramwegen | s.d. | knipsel uit de bibliotheek van Willem van Genk | Museum Dr. Guislain

Volgens informatie van Museum Dr. Guislain uit september 2015 meet dit werk 47 x 62 cm. [i] De ontbrekende tondo (met een plattegrond van Arnhem) is verwerkt in Urbanisme et Architecture (WVG-0054). Tijdens Woest was het werk te zien in een van de vitrines. [ii]

Afbeelding: Woest, p. 52.

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0116

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 108
Laatste blauwe tram | mixed media op bordkarton | s.d. | Privécollectie.

Op de lijst Van der Endt 2000 staat dit werk vermeld als ‘Laatste Blauwe Tram, ca. 1959 | gem. techniek/papier, ca. 28 x 39 cm’. Op de achterkant van dit werk heeft Van Genk geschreven: laatste blauwe tram “NZH”, met daarnaast in een naamstempel 10 Mei 1958. Dit betreft niet de datering van het werk maar is de datum waarop de Blauwe Tram voor de laatste keer reed tussen Den Haag en Voorburg. Tijdens Woest was het werk te zien in een van de vitrines.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 108.

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0117

Dit titelloze, onafgemaakte werk bestaat uit zes boardplaatjes waarop Van Genk is begonnen aan een afbeelding van een trolleybus in een stedelijke omgeving. Mogelijk gaat het hier om het laatste werk van Van Genk op board. Tijdens Woest was het werk te zien in een van de vitrines.

Afbeelding: zie hieronder.

WVG-0117


WVG-0118

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 4
Organist St. Bavokerk Haarlem | s.d. | potlood op papier | Museum Dr. Guislain

Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 5.


WVG-0119

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 29
Knipsel uit bibliotheek van Willem van Genk | Museum Dr. Guislain

Afgebeeld is een tram (lijn 1) op het Velperplein in Arnhem ter hoogte van de voormalige Incasso-Bank. Volgens informatie van Museum Dr. Guislain uit juni 2016 meet dit werk 65 x 64 cm. [iii]

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 29 (boven).

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0120

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 36
Zonder titel | verf en kleurpotlood op papier | Museum Dr. Guislain

Op de lijst Van der Endt 2000 staat dit werk vermeld als ‘Nijmegen/Bergbahnlinie, ca. 1959 | gem. techniek/papier, 23,5 x 34 cm’. Volgens informatie van Museum Dr. Guislain uit september 2015 meet dit werk 23,5 x 34 cm en heeft het als titel District Mooi Nederland. [iv] Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0121

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 74
Stadsplan Arnhem | uit de bibliotheek van Willem van Genk | Museum Dr. Guislain

Volgens informatie van Museum Dr. Guislain uit juni 2016 meet dit werk 21,8 x 32 cm. [v] Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne (vitrine).

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 74.


WVG-0122

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 104
Leiden – Breedstraat | s.d. | pen en inkt op papier | Privécollectie

Op het linkerdeel van de tekening is het Leidse stadhuis aan de Breestraat te zien. Rechts is afgebeeld het begin van de Breestraat vanaf het Rapenburg.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 104.


WVG-0123

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 126
Zonder titel | s.d. | mixed media op papier | Museum Dr. Guislain

Afgebeeld is een gele bus die door een landschap rijdt.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 126.


WVG-0124

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 127
Zonder titel
 | s.d. | mixed media op papier | Museum Dr. Guislain

Afgebeeld is een gele bus (lijn 100 naar Doetinchem) op een brug. Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, pp. 126-127.


WVG-0125

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 127
Zonder titel
 | s.d. | mixed media op papier | Museum Dr. Guislain

Afgebeeld is een tram voor het gebouw van ‘De Nederlanden van 1845’ aan het Willemsplein in Arnhem. Volgens informatie van Museum Dr. Guislain uit juni 2016 meet dit werk 23,5 x 34 cm. [vi] Het is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 127.


WVG-0126

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 142
Groot Arnhem | s.d. | mixed media op papier | Museum Dr. Guislain

Op de lijst Van der Endt 2000 staat dit werk vermeld als ‘Den Haag/Boekenweek | gem. techniek/papier, 22,8 x 30,8 cm’. Afgebeeld is de Hofplaats in Den Haag, met op de voorgrond een parkeerplaats met auto’s en touringcars.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 142 (boven).

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0127

Willem van Genk bouwt zijn universum (2010), p. 142
Vaarwel Tram | s.d. | mixed media op papier | Museum Dr. Guislain

Afgebeeld is de Amsterdamse Poort in Haarlem. De tekst VAARWEL TRAM heeft betrekking op de laatste rit van de Noord-Hollandse Blauwe Tram op 31 augustus 1957. Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.

Afbeelding: Willem van Genk bouwt zijn universum, p. 142 (onder).

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


WVG-0128

Tekening van een stadstafereel in Groningen. Op de lijst Van der Endt 2000 staat dit werk vermeld als ‘Groningen met 1 mei optocht | gem. techniek/papier, 24 x 35 cm’. Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.


WVG-0129

Tekening van de St. Bavokerk in Haarlem. Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne.


WVFG-0130

Tekening van een 1 mei-optocht voor de Dom in Keulen. De ontbrekende tondo is verwerkt in Urbanisme et Architecture (WVG-0054). Het werk is te zien tijdens de tentoonstelling Megalopolis bij de Collection de l’Art Brut in Lausanne (vitrine).

Zie hier voor meer informatie over dit werk en een afbeelding.

Megalopolis (Lausanne), maart 2021. Tegen de muur links v.l.n.r. WVG-0124, onbekend, WVG-0111; tegen de achtermuur WVG-0016 en een stukje van WVG-0028; tegen de muur rechts v.l.n.r. WVG-0118, WVG-0128, WVG-0125, WVG-0120, WVG-0127, WVG-0129; op de voorgrond in de vitrine WVG-0130


WVG-0131

Een set van zes litho’s die Van Genk in 1995 maakte. Drie litho’s vormen samen een afbeelding van het bovenste deel van een kerk, de drie andere tonen steeds drie personen op een treinperron.

WVG-0131a – linkerdeel kerk
WVG-0131b – middendeel kerk
WVG-0131c – rechterdeel kerk
WVG-0131d – perronscène I (links een man en een vrouw; lichter dan WVG-0131f)
WVG-0131e – perronscène II (paal met in spiegelbeeld de tekst VOIE).
WVG-0131f – perronscène III (links twee mannen; donkerder dan WVG-0131d)

Volledige sets litho’s bevinden zich bij Galerie Hamer, bij Stichting Collectie De Stadshof en in enkele particulier collecties.

Zie hier voor meer informatie over dit werk en een afbeelding.


WVG-0132

Tekening met een trein- of tramwagon met een reclame voor Turmac, een prominente pantograaf en het woord MÄRKLIN. Van Genk maakte meerdere kopieën van de tekening, die achter elkaar kunnen worden gelegd en op die manier een nieuwe afbeelding vormen. Het werk is vermoedelijk gemaakt in de tweede helft van de jaren negentig en bevindt zich bij Museum Dr. Guislain.

Zie hier voor meer informatie over dit werk en een afbeelding.


WVG-0133

Tekening in vierkleurenbalpen van het Haagse Leyenburg-ziekenhuis. In een tweede, bewerkte versie is een kopie van een strook uit het midden van de afbeelding aan de onderkant van een kopie van het hele werk geplakt, waarna het resultaat opnieuw met balpen en gouacheverf is bewerkt. Het werk is vermoedelijk gemaakt in de tweede helft van de jaren negentig en bevindt zich bij Museum Dr. Guislain.

Zie hier voor meer informatie over dit werk.


NOTEN

[i] E-mail van Eline Van de Voorde aan Jack van der Weide, 21 september 2015.

[ii] Dit leid ik af uit het feit dat een afbeelding is opgenomen in de publicatie. Zelf heb ik het werk tijdens Woest niet gezien.

[iii] E-mail van Eline Van de Voorde aan Jack van der Weide, 17 juni 2015.

[iv] E-mail van Eline Van de Voorde aan Jack van der Weide, 21 september 2015.

[v] E-mail van Eline Van de Voorde aan Jack van der Weide, 17 juni 2015.

[vi] Idem.